Maagoperaties helpen tegen overgewicht en zijn veilig

overgewichtWoensdag 21 december promoveert drs. W. te Riele, arts-assistent Heelkunde bij het St. Antonius Ziekenhuis, aan de Universiteit van Utrecht op de resultaten van chirurgische behandelingen van overgewicht (bariatrische chirurgie). Extreem overgewicht is een wereldwijd probleem geworden in de laatste decennia. Om af te vallen en extreem overgewicht aan te pakken, is bariatrische chirurgie vaak de beste oplossing. Uit het onderzoek van Te Riele blijkt dat de maagband en de maagomleiding (gastric bypass) in gespecialiseerde ziekenhuizen veilige behandelingen zijn. Vooral de maagomleiding blijkt voor het verlies van overgewicht, het meest effectief.

Afvallen
Veel mensen lijden aan ernstig overgewicht. Mensen met extreem overgewicht lopen een groot risico gezondheidsproblemen zoals hart- en vaatziekten, diabetes en gewrichtsklachten te ontwikkelen. Afvallen is daarom van levensbelang en heeft bewezen de comorbiditeit (gezondheidsklachten veroorzaakt door het overgwicht) en het bijkomende medicatiegebruik terug te dringen. In het onderzoek van Te Riele zijn de maagband en maagomleiding als behandelmethoden om af te vallen nader bekeken. Te Riele heeft in zijn onderzoek bijna 800 patiënten gevolgd die een bariatrische ingreep ondergingen in het St. Antonius Ziekenhuis. Hij heeft gekeken hoe het deze patiënten vergaat op de lange termijn. Uit zijn onderzoek blijkt dat bij ongeveer 70% van de patiënten de maagband na 2 jaar voor een goed resultaat zorgt. De lange termijn resultaten van de maagband zijn echter teleurstellender. Een levenslange follow-up door gespecialiseerde bariatrische verpleegkundigen is essentieel voor de kans op blijvend succes. Het plaatsen van een maagband blijkt een veilige procedure te zijn zonder veel complicaties, maar wel met een hoog percentage re-operaties. Dit beeld komt overeen met het beeld dat bekend is uit de literatuur. Deze re-operaties worden uitgevoerd omdat er problemen zijn met de band zelf , maar ook omdat patiënten in tweede instantie toch een maagomleiding ondergaan in verband met onvoldoende gewichtsverlies.

Door de minder goede lange termijn resultaten van de maagband, heeft de maagomleiding de laatste jaren de voorkeur. De maagomleiding blijkt na 2 jaar succesvol te zijn bij bijna 90% van de patiënten. Deze patiënten zijn bovendien na 2 jaar meer dan 20% extra overgewicht kwijtgeraakt in vergelijking met patiënten met een maagband. Ook is er bij deze ingreep in een gespecialiseerd ziekenhuis een kleine kans op complicaties. Ook een maagomleiding als re-operatie na een mislukte maagband kan veilig uitgevoerd worden en is net zo effectief als een primaire maagomleiding.

St. Antonius Bariatrisch Centrum
In het Bariatrisch Centrum van het St. Antonius Ziekenhuis worden patiënten met (morbide) obesitas operatief behandeld. Er zijn verschillende mogelijkheden zoals een maagomleiding (gastric bypass), een maagverkleining (gastric sleeve) of een maagband. Alle operaties worden in principe minimaal invasief (laparoscopisch) uitgevoerd. Het centrum biedt een compleet aanbod aan operatieve behandelingen van overgewicht. Er vinden jaarlijks circa 400 operaties plaats.
[St. Antonius Ziekenhuis]

De magie van het brein – uitzending Labyrint

LabyrintWetenschapsprogramma Labyrint – De magie van het brein
Woensdag 21 december 2011, 20.50 uur, Ned 2

Het ambitieuze Human Brain Project moet de komende tien jaar een volledige computersimulatie van het menselijk brein opleveren. Daarmee kunnen hersenziektes zoals Alzheimer, schizofrenie en autisme op een nieuwe manier worden bestudeerd. En medicijnen kunnen ermee worden getest zonder proefdieren te gebruiken. Hiervoor is een supercomputer nodig die meer dan 1000 keer krachtiger is dan de huidige generatie supercomputers.

Het menselijk brein bevat naar schatting net zoveel zenuwcellen als er sterren in de Melkweg zijn: 100 miljard. En tussen al die miljarden zenuwcellen zitten ook nog eens 100 biljoen verbindingen. Om al die cellen en alle mogelijke verbindingen ertussen te beschrijven, heb je meer getallen nodig dan er deeltjes zijn in het heelal. Onbegonnen werk, zou je zeggen. Maar de vermaarde neurowetenschapper Henry Markram (EPFL, Lausanne) laat zich daardoor niet uit het veld slaan. Over tien jaar moet zijn geesteskind, een model van de menselijke hersenen in de computer, klaar zijn.

Het Human Brain Project, waar ook Nederlandse onderzoekers aan bijdragen, is een van de zes projecten die in de race is voor een zogeheten Flagship subsidie, een megasubsidie van 1 miljard euro van de Europese Unie. In mei 2012 wordt bekend gemaakt of Markram zijn monsterproject kan voortzetten.

Verder in deze aflevering van Labyrint de nieuwste ontwikkelingen op het gebied van Brain Computer Interface technologie (BCI) . Die techniek maakt het in de toekomst mogelijk om met behulp van slechts gedachten de wereld om je heen te besturen. Zo kunnen verlamde patiënten alleen door te denken bijvoorbeeld een rolstoel besturen, berichten op de computer tikken of kunstledematen bewegen. Met onder meer hoogleraar cognitieve neurowetenschappen Nick Ramsey (UMC Utrecht), neurowetenschapper José del R. Millan (EPFL, Lausanne) en neuropsychologe Femke Nijboer (BrainGain, Universiteit Twente).

Direct na de uitzending kan je doorpraten met wetenschappers in de wekelijkse Labyrint napraatsessie. Kijk mee op de website van Labyrint en stel je vragen via Twitter.

Fancm-gen onderdrukt darmkanker

DarmenUit onderzoek van Sietske Bakker naar de ziekte Fanconi anemia (FA) blijkt dat het gen Fancm darmkanker onderdrukt. Toekomstig onderzoek moet uitwijzen of mensen met (darm)kanker dit gen missen en of deze patiënten wellicht goed behandeld kunnen worden met speciale chemotherapie die dit defect exploiteren. Bakker promoveert op 21 december bij VU medisch centrum. Tumorcellen bevatten in vergelijking tot normale gezonde cellen een grote hoeveelheid veranderingen (mutaties) in hun DNA, de genetische code van een cel. Tumorcellen hebben dus een grote hoeveelheid ‘genetische instabiliteit’. In gezonde cellen wordt genetische instabiliteit voorkomen door eiwitten die fouten in het DNA herkennen en herstellen. Een treurige illustratie van het belang van deze DNA reparatie-eiwitten (om genetische instabiliteit tegen te gaan en daarmee kanker te voorkomen) is de ziekte Fanconi anemia (FA). Kinderen die lijden aan deze zeldzame ziekte hebben een sterk verhoogd risico op bloedarmoede en kanker doordat ze schade aan hun DNA niet kunnen herstellen. Bakker heeft onderzoek gedaan naar de ziekte FA in muismodellen. De muizen hebben net als FA-patiënten een defect in een zogenaamd FA-gen en zijn ook niet in staat om specifieke schade aan hun DNA te repareren. In tegenstelling tot patiënten krijgen deze muizen geen bloedarmoede en nauwelijks kanker. Dit verandert als wordt gekeken naar darmkanker. Dan blijkt dat één van deze reparatiegenen (Fancf) geen invloed heeft op darmkanker maar dat een ander gen (Fancm) darmkanker juist onderdrukt. Toekomstig onderzoek moet uitwijzen of ook mensen met (darm)kanker dit gen missen en of deze patiënten wellicht goed behandeld kunnen worden met speciale chemotherapie die dit defect exploiteren. Promotie S.T. Bakker FANCM, the mouse that roared 21 december 2011 Promotor: prof.dr. H.P.J. te Riele Copromotor: dr. J.P. de Winter [VU Medisch Centrum]

WebTV – Het Feestmaal – Biologisch genieten

Biologisch eten wordt tegenwoordig steeds populairder. Het is voedzaam, smaakvol, gezond en beter voor de dieren. En het is gelukkig steeds makkelijker verkrijgbaar. Maar hoe zit het precies met biologisch vlees? Wanneer mag dat biologisch genoemd worden en wat is het effect van biologisch rundvlees op dieren en op mensen?

In de aflevering ‘Biologisch genieten’ gaat kok Ronald Brugmans laten zien hoe je een lekker hoofdgerecht kan maken met biologische producten en geeft biologische veehouder Kees Scheepens antwoord op al onze vragen.

Deze WebTV aflevering is helaas niet meer beschikbaar

Bekijk het overzicht van alle WebTV afleveringen

UCFA start nieuw onderzoeksprogramma voedselallergie

ucfaOp 15 december is de nieuwe samenwerkingsovereenkomst van het ‘Utrecht Center for Food Allergy’ (UCFA) formeel bekrachtigd. Hiermee wordt de intensieve samenwerking op het gebied van voedselallergie tussen TNO, het UMC Utrecht en de Universiteit Utrecht verder uitgebouwd. UCFA onderzoekt de factoren die van invloed zijn op het ontstaan van voedselallergie. Daarnaast richt UCFA zich op het ontwikkelen van nieuwe mogelijkheden voor de behandeling van voedselallergie.

UCFA onderzoek naar voedselallergie
Voedselallergie is een gezondheidsprobleem voor een belangrijk deel van de bevolking. Het is nog onduidelijk welke factoren exact een rol spelen bij het ontstaan van voedselallergie en welke een bijdrage kunnen leveren aan preventieve of curatieve behandelingsmogelijkheden. Om hiervoor nieuwe aanknopingspunten te vinden hebben de partners van het UCFA een nieuw gezamenlijk onderzoeksprogramma vastgesteld. Doel is het ophelderen van de factoren die een rol spelen bij het ontstaan en de behandeling van voedselallergie. Daarbij ligt de nadruk op identificatie van biomarkers voor allergeniciteit en allergie. Biomarkers spelen een centrale rol bij het beter voorspellen van klinische reacties in voedselallergische patiënten, het voorspellen van de allergeniciteit van (nieuwe) voedseleiwitten en het bepalen van de effectiviteit van immunotherapie of preventie van voedselallergie.

Samenwerking sinds 2002
Sinds 2002 werken de partners al samen aan de problematiek rond voedselallergie. De samenwerking heeft geleid tot een aanzienlijke wetenschappelijke output met een duidelijke maatschappelijke impact en praktische toepassingsperspectieven (zie www.ucfa.nl). De partners van het UCFA hebben onder andere bijgedragen aan het rapport van de Gezondheidsraad ‘Voedselallergie’ (maart 2007), waarin aanbevelingen staan voor de verbetering van de diagnostiek en de aanpak van de ‘may contain problematiek’. Op basis van informatie over de laagste dosis waarop een patiënt allergisch reageert (drempelwaarden) is een model ontwikkeld om het risico van een voedingsproduct in te schatten. Daarnaast is het belang van identificatie van specifieke allergenen voor de diagnostiek aangetoond. Experimentele modellen voor voedselallergie zijn ontwikkeld waarmee fundamentele en toepassingsgerichte kennis verkregen wordt voor het vaststellen van allergeniciteit van (nieuwe) voedseleiwitten en nieuwe mogelijkheden voor preventie en therapie van voedselallergie kunnen worden onderzocht.

Met de nieuwe samenwerkingsovereenkomst kan de kennis en expertise de komende jaren verder worden uitgebouwd.
[gezamenlijk persbericht van TNO, UCFA,UMC Utrecht, Universiteit Utrecht (UIPS en IRAS)]

Promotiefilm Gezonde School in het mbo

Het RIVM heeft een promotiefilm Gezonde School voor mbo-scholen gemaakt. Het is de eerste van drie nieuwe films die het RIVM Centrum Gezond Leven met partners maakt om Gezonde School bij het onderwijs te promoten. Hiermee wil het RIVM Gezonde School beter op de kaart zeten in het basisonderwijs, het voortgezet onderwijs en het mbo. Werken aan gezondheid op scholen loont: gezonde studenten presteren beter en verzuimen minder.

De film over Gezonde School in het mbo duurt ongeveer 4 minuten en laat zien hoe mbo-scholen aan gezondheid kunnen werken. De film is opgenomen op een mbo-school in Zwolle. Waarom heeft de school gekozen voor Gezonde School? Hoe heeft de school dit opgepakt? En wat vinden de studenten er van? De film laat zien dat werken aan gezondheid op school over alle lagen van de school gaat. Van directeur tot conciërge en student, iedereen kan meedoen en de vruchten plukken van de Gezonde School aanpak. Bovendien zijn resultaten blijvend als activiteiten in het beleid worden geïntegreerd.

De film is gemaakt in opdracht van het RIVM Centrum Gezond Leven. Het RIVM hoopt dat de film mbo-scholen enthousiast maakt om ook met de Gezonde School aan de slag te gaan. Op Gezondeschool.nl kunnen mbo-scholen terecht voor de Handleiding Gezonde School. Deze handleiding biedt ondersteuning in de vorm van concrete activiteiten, hulpmiddelen, tips en praktijkvoorbeelden.

De Handleiding Gezonde School voor het mbo is ontwikkeld door het Centrum Gezond Leven van het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) in samenwerking met MBO Diensten.
[RIVM]

Meer mannen roken dan vrouwen

Roken wereldwijd meer iets voor mannen
Mannen roken vaker dan vrouwen, dat geldt voor bijna alle landen. Verder is tussen 1999 en 2009 het aandeel dagelijkse rokers bijna overal gedaald.

Alleen in Zweden roken meer vrouwen dan mannen
In 2009 rookte 26 procent van de Nederlandse mannen van 15 jaar of ouder dagelijks, tegenover 20 procent van de vrouwen. Gemiddeld rookt in de OESO-landen 27 procent van de mannen, tegen 17 procent van de vrouwen. Griekse vrouwen roken het meest, maar doen dat nog altijd minder dan de mannen in hun land. Alleen in Zweden is het aandeel dagelijkse rokers onder vrouwen (15 procent) hoger dan onder mannen (14 procent).

Ook in de grote niet-OESO-landen India, China, Brazilië, Rusland, Zuid-Afrika en Indonesië roken mannen vaker dan vrouwen. In China, India en Indonesië zijn dagelijks rokende vrouwen zelfs een zeldzaamheid. Chinese en Indonesische mannen roken daarentegen juist vaak.

Roken op zijn retour
In Nederland is het aandeel dagelijkse rokers gedaald van 27,8 procent in 1999 tot 22,6 procent in 2009. Dat is een afname van bijna 19 procent. Op Griekenland en Tsjechië na is in ieder OESO-land het percentage dagelijkse rokers gedaald. De sterkste daling vond plaats in Denemarken, bijna 40 procent.

Ook in de grote niet-OESO-landen daalde het aandeel rokers in deze periode. In Zuid-Afrika zelfs met bijna 43 procent.
[Centraal Bureau voor de Statistiek]

WebTV – Goede nachtrust – Slaapapneu

Slaapapneu is een ernstige slaapstoornis die veel mensen hebben zonder het te weten. Veel mensen lopen rond met vage klachten. Ze snurken, zijn snel vermoeid, voelen zich niet lekker en zijn prikkelbaar. Dit is meestal nog geen reden om naar de dokter te gaan. Toch kunnen het voortekenen zijn van slaapapneu. Geleidelijk kunnen deze klachten erger worden.

Doordat veel mensen slaapapneu niet als zodanig herkennen lopen er onbewust heel veel mensen rond met slaapapneu. Deze slaapstoornis kan als het niet op korte termijn wordt behandeld leiden tot slaapgebrek op lange termijn kan het ernstige gevolgen als de ontwikkeling van diabetes en hart- en vaatziekten. Wil je meer weten over deze slaapstoornis? Bekijk dan de online video ‘Slaapapneu’ waarin Piet Heijn van Mechelen, voorzitter van de ApneuVereniging en tandarts Harry Eggels uitleggen wat de aandoening inhoudt en wat mogelijke behandelvormen zijn.

Deze WebTV aflevering is helaas niet meer beschikbaar

Bekijk het overzicht van alle WebTV afleveringen