Binnen 1 jaar 2,2 miljoen bezoekers voor ZorgkaartNederland.nl

Met gemiddeld 12.000 bezoeken per dag is ZorgkaartNederland.nl definitief de grootste waarderingssite voor de gezondheidszorg. Patiëntenorganisatie NPCF en zorguitgeverij BSL lanceerden de website een jaar geleden. Sinds de lancering is de website 2,2 miljoen keer bezocht en zijn er 40.000 beoordelingen geplaatst over onder andere specialisten, huisartsen, ziekenhuizen en zorginstellingen. De meeste artsen en ziekenhuizen staan positief tegenover de website. Er zijn ook kritische geluiden.

Positieve beoordelingen
Het overgrote deel van de beoordelingen die bezoekers plaatsen, is positief. Huisartsen en tandartsen worden het vaakst beoordeeld. De meeste beoordelingen gaan over de omgang; is de arts vriendelijk, heeft hij een luisterend oor en is hij goed met kinderen. Het gemiddelde cijfer voor alle huisartsen in Nederland staat op een 8. Tandartsen, waarvan er 4.763 op de website staan, scoren als landelijk gemiddelde een 8.4.

De 1.159 verloskundigen die op ZorgkaartNederland.nl bekend zijn, worden erg hoog gewaardeerd met een 9.2

Vrees voor reputatieschade neemt af
Van de bijna 88.000 zorgverleners en zorginstellingen die men op de site kan vinden, heeft slechts een enkeling zich gemeld met bezwaren. ‘Deze zorgverleners willen niet op de site vermeld staan’, zegt NPCF-directeur Wilna Wind.’ Zij vrezen reputatieschade en zijn bang dat iedereen die kwaad wil, vrijuit zijn grieven op de site kwijt kan. Wij hebben hen over het algemeen goed duidelijk kunnen maken wat het doel van de website is; informatie bieden aan mensen die de juiste keuze willen maken in de zorg. ZorgkaartNederland is zeker geen klaagmuur De redactie heeft ook vele tientallen ingezonden waarderingen niet geplaatst of heeft in overleg met de inzender aanpassingen gemaakt. Ook kunnen zorgaanbieders inmiddels zelf een reactie plaatsen bij een waardering.

Zorgverleners promoten website
Een groot aantal ziekenhuizen en andere zorginstellingen adviseert hun cliënten inmiddels zelfs door middel van banners, posters en flyers om hun beoordeling achter te laten op ZorgkaartNederland. ‘De reden daarvoor is dat ze vertrouwen hebben in de correcte uitvoering van de recensiewebsite, daar zijn we trots op”, aldus Wind. “Daarnaast bieden de ervaringen concrete aanknopingspunten hoe instellingen hun dienstverlening verder kunnen verbeteren.’

Ontwikkeling
De makers van zorgkaartnederland.nl willen de website komend jaar verder uitbreiden. Aan de ene kant door bezoekers van de website verder te verwijzen naar aanvullende kwaliteitsinformatie. Aan de andere kant door presentatie en gebruiksmogelijkheden voor zorgaanbieders verder uit te breiden. Tot slot zal met behulp van alle betrokkenen in de gezondheidszorg het aantal waarderingen nog verder moeten groeien.

Congres
ZorgkaartNederland.nl werd op 1 december 2009 gelanceerd tijdens het e-healthcongres van de NPCF. Dinsdag 7 december wordt in het Cinemec in Ede het volgende congres gehouden dat gaat over de mogelijkheden die internet biedt om mensen meer regie over hun eigen zorg te geven. Aanmelden voor het congres is nog steeds mogelijk via www.npcf.nl

ZorgkaartNederland.nl is een gezamenlijk initiatief van de Nederlandse Patienten Consumenten Federatie (NPCF) en uitgever Bohn Stafleu van Loghum (BSL). Partner van de website is Zilveren Kruis Achmea.

UMC Utrecht opent internetportaal voor hiv-patiënten

aids ribbonDe hiv-patiënten van het UMC Utrecht hebben vanaf 1 december een Nederlandse primeur: vanaf die dag kunnen zij gebruik maken van een internetportaal. Via dit portaal kunnen patiënten onder meer hun medisch dossier, labuitslagen en behandelafspraken inzien. Ook kunnen ze herhaalrecepten aanvragen of hun behandelaar een e-mailbericht sturen. Ook is voor de patiënt toegespitste ziektegerelateerde informatie in te zien.

“Het portaal biedt patiënten een nieuwe mogelijkheid om hun ziekte samen met de specialist te managen”, zegt dr. Tania Mudrikova, internist en chef de policlinique Infectieziekten. “Via het portaal kunnen onze patiënten onder andere zien welke afspraken er staan en de verslagen bekijken van de polikliniekbezoeken. Ze zien wat er is besproken en welke onderzoeken zijn gepland. Maar ook kunnen patiënten hun medicatieoverzicht en enkele voor hen relevante labuitslagen bekijken en een herhalingsrecept aanvragen. Het portaal is niet bedoeld om een face-to-face contact met arts of verpleegkundige te vervangen, maar wordt gezien als een uitbreiding van de huidige zorg”.

E-consult
Via het portaal kan de patiënt ook in contact komen met zijn zorgverlener door het sturen van een e-consult bericht. Het voordeel van het portaal is dat het e-consult gekoppeld is aan het elektronisch patiëntendossier (EPD). Hierdoor vindt het e-mailverkeer niet plaats via een onbeveiligde internetverbinding, maar in een beveiligde elektronische omgeving.

‘Mijn medicatie’
`Een ander groot voordeel is het onderdeel `mijn medicatie’ zegt verpleegkundig consulent Esther van Oers: “Patiënten gebruiken soms wel meerdere soorten geneesmiddelen per dag die niet allemaal door hun infectioloog zijn voorgeschreven. Aangezien vele medicijnen een interactie kunnen geven met de hiv-remmers, is het belangrijk dat de infectioloog goed op de hoogte wordt gebracht van de gebruikte of elders voorgeschreven medicijnen. Nu kunnen patiënten nalezen welke medicijnen ze moeten gebruiken, in welke hoeveelheid en waarom. Ook kunnen zij signaleren wanneer zij een middel gebruiken waar de infectioloog nog niet van op de hoogte is. Patiënten worden als het ware een lid van het behandelteam. We hopen dat dat de kans op medicatiefouten en onbedoelde interacties zo klein mogelijk maakt”.

Patiënteninformatie
“Binnen het portaal is tevens de mogelijkheid om op de individuele patiënt toegespitste informatie aan te bieden”, voegt Joke Patist, verpleegkundig consulent toe. Zo kan bijvoorbeeld informatie over de combinatietherapie of kinderwens wel of niet getoond worden binnen het portaal. De informatie binnen het portaal wordt op deze manier zo veel mogelijk toegespitst op de individuele situatie van de patiënt. Alle patiënten krijgen persoonlijke toegangscodes en een goede instructie van de verpleegkundig consulent hoe ze het nieuwe portaal kunnen gebruiken. Na een jaar wordt de effectiviteit van het portaal geëvalueerd.

MyUMC
Het portaal maakt onderdeel uit van MyUMC, een gepersonaliseerde en beveiligde informatie- en communicatievoorziening via internet. MyUMC richt zich op de realisatie van persoonlijke portalen voor zowel patiënten als medewerkers en op termijn ook voor huisartsen, onderzoekers en studenten. Het UMC Utrecht heeft nu tien patiëntenportalen actief. Via de portalen hebben patiënten de mogelijkheid om de regie te voeren over hun eigen behandelplan en via internet te communiceren met hun behandelaar.
[UMC Utrecht]

Centrale schakelaar verbindt overgewicht met diabetes

overgewichtVeel mensen met overgewicht krijgen diabetes. Ontstekingen in het vetweefsel spelen daarbij een belangrijke rol. Onderzoekers van het UMC St Radboud hebben ontdekt dat een moleculaire schaar de aanjager is van dat ontstekingsproces. Hoe vetter het voedsel en hoe groter het overgewicht, hoe actiever de schaar en hoe groter de kans dat er insulineresistentie ontstaat. De onderzoekers publiceren hun bevindingen vandaag online in Cell Metabolism.

Mensen met overgewicht hebben veel meer kans om diabetes type 2 te krijgen. Overgewicht leidt namelijk vaak tot minder gevoeligheid voor insuline (insulineresistentie), waardoor diabetes ontstaat. Maar niet álle mensen met overgewicht worden minder gevoelig voor insuline. Waarom krijgen veel dikke mensen wél diabetes en zijn andere dikkers – de zogeheten metabolically healthy obese – daar kennelijk ongevoelig voor?

Moleculaire schaar“Het lijkt erop dat insulineresistentie vooral ontstaat wanneer in het vetweefsel meer ontsteking optreedt”, zegt prof.dr. Cees Tack, internist in het UMC St Radboud. “Een belangrijke aanjager van die ontsteking is het eiwit interleukine-1, kortweg IL-1 genoemd. Dit IL-1 ontstaat uit een ander, inactief eiwit dat eerst een beetje moet worden bijgeknipt door een moleculaire schaar. Deze moleculaire schaar is het enzym caspase-1. Zonder die schaar geen IL-1 en dus ook geen ontsteking.”

Samen met een groep (inter)nationale collega’s tonen Tack, internist prof.dr. Mihai Netea en onderzoeker dr.ir. Rinke Stienstra aan in het blad Cell Metabolism, dat dit caspase-1 een centrale rol speelt in de route van overgewicht, ontstoken vetweefsel, insulineresistentie en diabetes. Stienstra: “We zien dat caspase-1 veel actiever wordt wanneer vetcellen uitrijpen tot grotere vetcellen, iets dat gebeurt bij overgewicht. Meer caspase-knipwerk leidt tot meer ontstekingen en dat leidt weer tot insulineresistentie. Overgewicht stimuleert dus via meer knipwerk de insulineresistentie.”

Gevoeligheid voor insuline weer vergrotenOnderzoek in muizen bevestigt de centrale rol van het caspase-1. Netea: “Zet je muizen op een dieet van vette snacks, geef je ze heel vetrijk voedsel, dan schiet het caspase-1 in vetcellen omhoog en ontstaat insulineresistentie. Schakel je met een genetisch trucje het caspase-1 uit, dan veroorzaakt het snackdieet geen ontstekingen en blijft insulineresistentie uit.”

Opmerkelijk is ook, dat de gevoeligheid voor insuline bij insulineresistente muizen weer is te vergroten door een remmer van dat caspase-1 toe te dienen. Tack: “Op dit moment zijn er nog geen caspase-remmers voor menselijk gebruik beschikbaar. Ons onderzoek toont aan dat remming van deze caspase-schaar interessant kan zijn voor de behandeling van diabetes type 2.”
[UMC St Radboud]

Deelname aan chlamydia screening lager dan verwacht

condoomDe afgelopen drie jaar hebben drie GGD’en jongeren van 16 tot en met 29 jaar gescreend op chlamydia. In de regio’s Amsterdam, Rotterdam en Zuid-Limburg hebben ruim 630.000 jongeren een uitnodiging ontvangen voor een chlamydia-test. Het is voor het eerst in Nederland dat zo’n grote groep jongeren massaal is opgeroepen voor een jaarlijkse soa-test. Door tegenvallende deelname is de doelmatigheid van de screening vooralsnog niet aangetoond. Op woensdag 1 december 2010 worden de tussentijdse resultaten gepresenteerd tijdens het Congres Soa-Hiv-Seks in Amsterdam.

Lagere opkomst dan verwacht
In opdracht van het ministerie van VWS is onderzoek gedaan naar de haalbaarheid en effectiviteit van het screenen op chlamydia op korte en lange termijn. Ook is onderzocht of de kosten opwegen tegen de baten. Uit het onderzoek blijkt dat de manier van screenen voor de GGD’en goed uitvoerbaar is. De screening draagt bij aan het opsporen van chlamydia infecties. In totaal hebben de GGD’en ruim 3700 infecties opgespoord. De deelname van jongeren aan de Chlamydia Screening is echter lager dan verwacht. Dat gebeurde al direct in de eerste screeningsronde. De deelname viel verder terug in opvolgende rondes. Daar staat een forse deelname onder `hertesters’ tegenover (68%). Dit is de groep jongeren die positief heeft getest en na een half jaar automatisch een nieuwe test ontvangt. Proefscreening 1 jaar verlengd Het ministerie van VWS heeft de proefscreening met 1 jaar verlengd in afwachting van de uitkomst van evaluatieonderzoek door het RIVM. Er kan nu (nog) niet worden aangetoond of de screening daadwerkelijk een daling van chlamydia op populatieniveau bewerkstelligt, en het aantal infecties terugdringt. De verlenging levert meer inzicht in de trend in participatie. De mate van deelname bepaalt in belangrijke mate de kosteneffectiviteit van het programma.

Chlamydia Screening: hoe werkt het?
De GGD’en nodigen jongeren per brief uit een chlamydiatest aan te vragen via www.chlamydiatest.nl. Internet speelt een belangrijke rol in deze screening. De jongeren kunnen zelf thuis een monster afnemen en sturen dit gratis naar het laboratorium. De uitslag ontvangen ze online. Jongeren met chlamydia kunnen een verwijsbrief uitprinten voor behandeling. Ook kunnen ze eventuele expartners aanmelden voor een chlamydiatest. Soa Aids Nederland coördineert de Chlamydia Screening die wordt uitgevoerd door de GGD Amsterdam, de GGD Rotterdam-Rijnmond en de GGD Zuid Limburg. Het RIVM evalueert de Screening. Wat is chlamydia? Chlamydia is de meest voorkomende, door bacterie veroorzaakte, soa in Nederland. Circa de helft van de mannen en 70 procent van de vrouwen merkt niet dat ze een chlamydia-infectie hebben. Chlamydia kan op de langere termijn bij vrouwen leiden tot onvruchtbaarheid en buitenbaarmoederlijke zwangerschap. Bij mannen kan de infectie een ontsteking aan de prostaat en bijbal veroorzaken. Chlamydia kan gemakkelijk worden behandeld zodat deze complicaties worden voorkomen.