Archief Mei 2009

Belg gebruikt te weinig zonnecrème

31 Mei 2009

AftersunIn Test-Gezondheid van juni 2009 publiceert Test-Aankoop de resultaten van een vergelijkende test van zonnebrandmiddelen. Aangezien deze zowat allemaal doeltreffend bleken, maakt het volgens de consumentenorganisatie niet zoveel uit welk merk de gebruiker kiest: als hij maar genoeg zonnecrème gebruikt met de juiste beschermingsfactor. Dat gebeurt echter veel te weinig. Uit de enquête die Test-Aankoop eveneens hield in dit kader, blijkt immers dat amper 6 op 10 Belgen geregeld zonnecrème gebruiken. Bovendien kiest 38 % van hen een te lage beschermingsfactor. Met de zomer voor de deur wil Test-Aankoop daarom nogmaals drukken op het belang van een goede zonnebescherming.

Nieuws onder de zon?
Enerzijds evalueerde Test-Aankoop 18 zonnebrandmiddelen met beschermingsfactor 15 of 20. Anderzijds hield de consumentenorganisatie een enquête over het gebruik van zonnecrème. De gepubliceerde resultaten zijn gebaseerd op de antwoorden van 781 Belgische respondenten, representatief voor de bevolking qua leeftijd (18-64 j.), geslacht en regio.

Veel vaker zonnecrème gebruiken
Het belang van een zonnebrandmiddel wordt flink onderschat: amper 6 op 10 Belgen gebruiken geregeld zonnecrème. Degenen die dat nooit doen, geven in 1 op 3 gevallen als voornaamste reden nooit in de zon te komen. Maar bijna even vaak geven ze er gewoon niet om! 18 % vindt zijn huid donker genoeg om het zonder bescherming te stellen.

Bovendien lijkt de misvatting te heersen dat zonnecrème alleen nodig is voor zonnekloppers. Terwijl ruim 9 op de 10 zonnecrèmegebruikers zich insmeren tijdens het zonnebaden, doen ze dat tijdens bergwandelingen of sneeuwsport veel minder. Bij andere buitensporten smeert slechts de helft van de zonnecrèmegebruikers zich in en tijdens een zonnige stadswandeling denkt amper 1 op 3 daaraan. Overigens smeert maar 1 gebruiker op 3 zich ook herhaaldelijk in, terwijl het nochtans aangeraden is dat om de twee uur en telkens na het zwemmen te doen.

Meer dan 1 op 3 kiest te lage beschermingsfactor
Hoewel de Belg in de eerste plaats een zonnebrandmiddel kiest op basis van de beschermingsfactor, weet 59 % van de gebruikers niet waarvoor die precies staat. Het is dan ook niet verwonderlijk dat maar 44 % de gepaste en 38 % een te lage factor kiest. Ruim twee derde van de zonnecrèmegebruikers denkt ingesmeerd echter langer beschermd te zijn tegen zonnebrand dan voor zijn huidtype het geval is. Slechts 1 op 5 schat die tijd correct in.

Alle geteste zonnecrèmes, ook de voordeligste, zijn doeltreffend, als men genoeg gebruikt
17 van de 18 zonnebrandmiddelen die Test-Aankoop evalueerde, bieden voldoende bescherming tegen zowel uv A als uv B. Het maakt geen verschil of ze in de winkel verkrijgbaar zijn of enkel in de apotheek of parfumerie. De consument kan dus gerust kiezen voor het voordeligste product. Enkel de minerale zonnebescherming van Weleda blijkt een lagere uv B-bescherming te bieden, maar de fabrikant is zich bewust van het probleem en heeft de productie van zonnebrandmiddelen inmiddels stopgezet.

Niettemin benadrukt Test-Aankoop dat geen enkele zonnecrème totale bescherming biedt, hoe hoog de beschermingsfactor ook is. Zonnecrème is dus niet zaligmakend als preventie van huidkanker en andere risico’s van uv-stralen, zoals huidveroudering en –verslapping. Om de huid daartegen te beschermen, stelt men ze in de eerste plaats beter niet te lang bloot aan direct zonlicht. Daarnaast moet men ook genoeg zonnecrème aanbrengen: voor een volwassen lichaam zijn volgens Test-Aankoop gemiddeld 6 koffielepels nodig!

Kleine prijzen, mooi resultaat
De vergelijkende test wijst uit dat er zonnebrandmiddelen te verkrijgen zijn die zowel doeltreffend als voordelig zijn. Een goede bescherming hoeft dus niet noodzakelijk veel geld te kosten. Test-Aankoop berekende de prijs per 100 ml van verpakkingen met vergelijkbare inhoud: de prijzen lopen uiteen van nog geen € 2 tot bijna € 20 per 100 ml. Gebruik dan ook genoeg zonnecrème en zon met mate, luidt het advies van Test-Aankoop.
[Test-Aankoop]

Twee nieuwe gevallen van Mexicaanse griep in België

31 Mei 2009

Mexicaanse griepEr zijn gisteren twee nieuwe gevallen van Mexicaanse griep bevestigd bij Belgen. Het gaat om een Limburgse man en een jongeman uit Vlaams-Brabant. Dat meldt het interministerieel commissariaat influenza. De twee nieuwe gevallen van A/H1N1-griep werden bevestigd bij een nieuwe reeks analyses. Vijf andere stalen testten negatief.

Vette vis en koolhydraten tegen suikerziekte

31 Mei 2009

VisEen vetarm dieet met koolhydraten en veel vette vis (bijvoorbeeld zalm, haring of makreel) helpt om diabetes bij dikke mensen te voorkomen. Dit blijkt uit een studie van de Universiteit Maastricht.

Mensen met ernstig overgewicht lopen een verhoogde kans op diabetes, en daarmee op onder meer hart- en vaatziekten. Naast een vetarm dieet helpt beweging ook.

Q-koorts in Utrecht

30 Mei 2009

Q-koortsIn de provincie Utrecht zijn de eerste gevallen van de Q-koorts gesignaleerd. Negentien mensen uit het zuiden van de provincie zijn besmet met de infectieziekte, die wordt overgedragen van geiten en schapen op mensen. Dat maakte de GGD Midden-Nederland gisteren bekend.

In Noord-Brabant en Gelderland zijn honderden patiënten met Q-koorts. Het is nog niet duidelijk of de ziekte is overgewaaid vanuit het zuiden of is ontstaan in Utrecht. In totaal zijn er dit jaar al 737 meldingen gedaan van besmetting.

Q-koorts wordt veroorzaakt door een bacterie en kan via de lucht worden verspreid. Klachten zijn hoge koorts, hoofdpijn en luchtwegklachten.

Uur waterpijp is gelijk aan 100 sigaretten

30 Mei 2009

SigarettenWaterpijp roken wordt steeds populairder bij jongeren, maar de schadelijke gevolgen ervan worden zwaar onderschat. Een uur lang rook inhaleren via een waterpijp staat namelijk gelijk aan 100 sigaretten roken, aldus de Nationale Coalitie tegen tabak.

Naar aanleiding van de Werelddag tegen Tabak op 31 mei voerde de Nationale Coalitie tegen Tabak een enquête uit bij 1.049 scholieren van 17 en 18 jaar . Daaruit blijkt dat ongeveer 54 procent van de jongeren al eens een trekje van een waterpijp genomen heeft. Ongeveer 59 procent van de Nederlandstalige scholieren, 53 procent van de Franstaligen, 52 procent van de Duitstaligen en 43 procent van de jongeren die thuis Turks of Arabisch spreken hebben al eens geëxperimenteerd met de waterpijp.

Bij 36 procent van de ondervraagden blijkt het gebruik van de waterpijp echter sporadisch en niet recent zijn. Het dagelijkse tabaksgebruik tekent zich vooral af bij sigaretten (15 procent), gevolgd door roltabak (3 procent), cannabis (2 procent), waterpijp (1 procent) en sigaren (minder dan 1 procent).

Jongeren die de waterpijp hanteren, verkeren in de veronderstelling dat het de minst schadelijke vorm van tabaksgebruik is. Liefst 23 procent van de scholieren is daarvan overtuigd. Sommige jongeren denken zelfs dat er in een waterpijp geen tabak zit en dat er niet-verslavende fruitextracten inzitten. De ondervraagde scholieren menen ook dat er geen nicotine in een waterpijp zit en dat de stof door het water wordt gefilterd.

Niets is minder waar, zegt de Nationale Coalitie tegen Tabak. Het water houdt wel de nicotine gedeeltelijk tegen, maar niet de teer en het gevaarlijke koolmonoxide.

Bij het roken van een waterpijp wordt de rook door een waterreservoir geleid en via een lange slang opgezogen. Bij een waterpijp moet je ook sterk inhaleren en bereikt de tabaksrook dus dieper de longen. Bovendien bestaat het risico dat besmettelijke ziektes worden overgedragen bij het doorgeven van het mondstuk.

De enquête werd in april 2009 uitgevoerd in Brussel en Duitstalig België bij 1.049 scholieren.
[nieuwsblad.be]

Nederlander onderschat belang van een goede spijsvertering

29 Mei 2009

Wereld SpijsverteringsdagOm mensen meer bewust te maken van hun spijsvertering is 29 mei uitgeroepen tot de Wereld Spijsverteringsdag. Deze dag is een initiatief van de WGO en wordt dit jaar voor het eerst in Nederland onder de aandacht gebracht. Danone steunt de WGO wereldwijd bij het verkondigen van deze boodschap. Emeritus Professor G.N.J. Tytgat, voorheen president van de WGO en nog steeds deel uitmakend van WGO Executive Committee, zegt over de zorg voor een goede spijsvertering: “Voeding is van uitzonderlijk belang voor ons aller gezondheid en daaraan gekoppeld onze kwaliteit van leven. Suboptimale, ontoereikende tot slechte voeding dragen in belangrijke mate bij aan het ontstaan van allerlei ziekten. Hoewel in Nederland er al veel aandacht is voor een gezonde leefstijl, hebben veel Nederlanders regelmatig last van spijsverteringsongemakken waarop vaak geen actie wordt ondernomen. Om mensen één maal per jaar extra stil te laten staan bij het belang van een goed werkende spijsvertering en de gevolgen van verwaarlozing van deze klachten hebben de Wereld Spijsverteringsdag in het leven geroepen”.

Lenny Versteegden, diëtiste en verbonden aan de Wereld Spijsverteringsdag: “Wat je eet is van invloed op de gezondheid van je maag en darmen: je spijsvertering verwerkt wat je eet en drinkt. Gezonde leefgewoonten helpen bij een soepele stoelgang en goede spijsvertering. Vezels, water én beweging gaan hierbij hand in hand.”

Nationale Spijsverteringsonderzoek
Nederlanders geven veel om hun gezondheid. Ze doen er alles aan om zo lang mogelijk gezond te blijven en om lekker in hun vel te zitten. Gezond leven wordt hierbij voornamelijk geassocieerd met gezond eten (57%), bewegen (13%), rust (11%) en voldoende drinken (5%). Daarnaast vinden veel Nederlanders dat hun spijsvertering goed is en geven zij aan dat dit er aan bijdraagt dat zij goed in hun vel zitten. Opvallend genoeg hebben zij vaak wel degelijk last van ongemakken als diarree, winderigheid of een opgeblazen gevoel. Door de perceptie van een goede spijsvertering wordt hier vaak weinig bewust actie op ondernomen. Vrouwen hebben overigens vaker klachten dan mannen maar ondernemen dan wel eerder actie om de symptomen te bestrijden.

Snel toiletbezoek maar toch even nadenken
Stoelgang is het laatste gedeelte van de spijsvertering. Veel deelnemers aan het onderzoek doen dagelijks een grote boodschap en zijn eigenlijk zeer tevreden over de eigen stoelgang. Wel is uit het onderzoek een aantal opmerkelijke feiten aan het licht gekomen. Zo is het belangrijk dat het eigen ritme gevolgd kan worden (86%). Ook is een schoon toilet essentieel, hoewel ook zacht toiletpapier en rustig kunnen zitten belangrijk zijn. Op het toilet wordt dan het liefst iets gelezen (37%) of lekker rustig nagedacht (38%).Toch staan de meeste Nederlanders binnen vijf minuten alweer op de gang (74%). Dan hebben we wel nog even achterom gekeken naar het eindproduct. Veel van de spijsverteringsongemakken die men ervaart hebben te maken met stoelgang (diarree of trage stoelgang, winderigheid en een opgeblazen gevoel). Belangrijke oorzaken hiervoor zijn: niet voldoende drinken, vakantie of een ander leefritme dan normaal. Het zijn problemen waar de Nederlanders in het dagelijks leven zich niet door laten belemmeren, maar die wel een ongemak worden gevonden. Dit is een klacht waarover we niet praten, want over kleine ongemakken (en daar valt stoelgang onder) zeuren bijna 9 op de 10 mensen niet.

Danone ondersteunt de Wereld Spijsverteringsdag om het belang van een goede spijsvertering bij zoveel mogelijk Nederlanders onder de aandacht te brengen. Bewustwording van wat mensen zelf kunnen doen en het bespreekbaar maken van taboes rondom spijsverteringsproblemen zijn hierbij erg belangrijk. Dit initiatief past goed bij het feit dat Danone gezondheid een belangrijke rol toekent: bij haar innovaties in voeding (zoals Activia yoghurt, voor het verbeteren van een trage stoelgang), maar ook bij het ondersteunen van initiatieven, mensen en organisaties die zich inzetten voor onderzoek naar oplossingen voor een betere gezondheid.

Mechanische structuur herpesvirus gekraakt

29 Mei 2009

Voor het eerst is de mechanische structuur van het herpesvirus in kaart gebracht. Onderzoekers van de Vrije Universiteit in Amsterdam onder leiding van dr. Wuite, hebben in samenwerking met de Medizinische Hochschule Hannover de mechanica van de zogenaamde virale capsides ontrafeld.

Deze virusdeeltjes zijn complexe eiwitmantels die het genetische materiaal van het herpesvirus omhullen en uit de celkernen kunnen worden gezuiverd van geïnfecteerde cellen.

Aangezien deze deeltjes slechts 125 nm (ongeveer één tienduizendste van een millimeter) groot zijn, kan men ze niet met een gewone lichtmicroscoop bestuderen. Met behulp van tastmicroscopie kunnen ze nu wel zichtbaar worden gemaakt. Het grote voordeel van deze techniek boven elektronenmicroscopie is dat deeltjes gewoon in vloeistof kunnen worden bestudeerd (net zoals in de cel). Verder is het mogelijk om met de tastmicroscoop virusdeeltjes daadwerkelijk aan te raken en mechanisch te manipuleren.

Naar schatting 90% van de bevolking is besmet met het herpesvirus en naast een onschuldige koortslip kan het herpes simplex virus ook genitale herpes en zelfs hersenontsteking met fatale afloop veroorzaken. Daarom wordt er wereldwijd intensief onderzoek gedaan naar dit virus.

De onderzoekers uit Amsterdam hebben de deeltjes één voor één gekraakt, ofwel ‘platgedrukt’. De kracht die nodig is om ze te pletten geeft informatie over de elastische en mechanische eigenschappen van deze deeltjes. De resultaten van het onderzoek zijn gepubliceerd in het prestigieuze tijdschrift Proceedings of the National Academy of Sciences en heeft het mechanisme aan het licht gebracht dat er voor zorgt dat de wanden van het herpesvirus worden versterkt.

Dit versterkingsmechanisme treedt in werking tijdens het virusrijpingsproces (rijpingsproces: het assembleren en inpakken van het virale DNA in de virusmantel). De onderzoekers hebben, in dit mede door NWO gefinancierde project, ondermeer ontdekt dat de versteviging van de virusmantel plaatsvindt op de twaalf hoekpunten van de icosaëdrische (regelmatig twintigvlak) capsides. Het ontrafelen van het rijpingsproces zal helpen bij het gebruik van herpesvirussen als vector om gericht kankercellen aan te vallen en uiteraard om herpesinfecties te bestrijden.
[VU Amsterdam]

Werknemers zonder belangstellende collega’s verzuimen vaker

29 Mei 2009

Werknemers die zich niet of nauwelijks gesteund voelen door hun collega’s en leidinggevenden verzuimen vaker dan werknemers die deze steun wel krijgen. Hetzelfde geldt voor werknemers die niet of nauwelijks hun eigen werkagenda en werktempo kunnen bepalen: hoe minder zelfstandig, hoe hoger het ziekteverzuim.

Meeste werknemers tevreden over collega’s en leidinggevenden
Ruim 90 procent van de werknemers ervaart veel sociale steun van collega’s en leidinggevenden. Collega’s tonen dan belangstelling en leidinggevenden hebben oog voor het welzijn van hun medewerkers. Van de werknemers kan 60 procent van de werknemers hun eigen werktempo en werkvolgorde bepalen. Bijna 40 procent van de werknemers in ons land werkt vaak of altijd onder een hoge werkdruk. Zij moeten hard werken en vinden hun werk hectisch.

Drie kwart van de hoogopgeleiden bepaalt zelf werkvolgorde
Hoogopgeleiden kunnen vaker hun eigen tempo en werkvolgorde bepalen dan laagopgeleiden: drie kwart van de hoogopgeleiden en bijna de helft van de laagopgeleiden ervaart veel zelfstandigheid in het werk. Hoogopgeleiden werken ook vaker onder hoge druk. De mate van sociale steun die werknemers ervaren, verschilt weinig tussen de opleidingsniveaus.

Hoger ziekteverzuim bij weinig steun van collega’s en leidinggevenden
In 2008 verzuimden werknemers gemiddeld 4,1 procent van de werkdagen. Werknemers die een lage sociale steun van collega’s en leidinggevenden meldden, verzuimden 6,6 procent van de werkdagen, werknemers met hoge sociale steun 3,9 procent.

Er is ook een verband tussen een hoge mate van zelfstandigheid in het werk en verzuim: hoe hoger de autonomie is, hoe lager het verzuim. Verder verzuimen werknemers met een hoge werkdruk vaker dan collega’s met een lage werkdruk. Tot slot verzuimen werknemers die zowel een hoge werkdruk, weinig zelfstandigheid en een lage sociale steun ervaren (met 8,2 procent) meer dan twee keer zo veel als werknemers bij wie sprake is van lage werkdruk, veel zelfstandigheid en hoge sociale steun (3,7 procent).
[CBS]

Winnaars Novo Nordisk Media Prize 2009

28 Mei 2009

Novo Nordisk Media Prize 2009Vandaag zijn de winnaars van de Novo Nordisk Media Prize 2009 in Nederland bekend gemaakt. Het is de eerste keer dat in Nederland de Novo Nordisk Media Prize wordt uitgereikt. De Media Prize waardeert journalistieke producties die op positieve wijze bijdragen aan de beeldvorming en bewustwording rondom diabetes. In de categorie ‘Printmedia’ heeft de onafhankelijke jury unaniem als winnaar het Reformatorisch Dagblad aangewezen met het artikel ‘Dubbele last: welbevinden van kind met diabetes op school laat te wensen over’ van journalist Jakko Gunst, gepubliceerd op 28 november 2008. In de categorie ‘Televisie’ is het NOS Jeugdjournaal de winnaar met de uitzending ‘Dag van de Suikerziekte’ van Jessica van Spengen op Wereld Diabetes Dag op 14 november 2008. In de derde categorie ‘Online media’ heeft de jury geen winnaar aangewezen wegens te weinig inzendingen.

Beide winnaars van de Nederlandse Media Prize ontvingen vandaag uit handen van de jury en Erik Lommerde, algemeen directeur van Novo Nordisk B.V., een certificaat en een geldbedrag van € 1.000,-. De twee winnaars dingen nu automatisch mee naar de internationale Novo Nordisk Media Prize 2009. Deze wordt uitgereikt in september 2009 in Wenen voorafgaand aan het EASD-congres (European Association for the Study of Diabetes).

Oordeel jury
De onafhankelijke jury van de Novo Nordisk Media Prize 2009 bestaat in Nederland uit Doeschka Motmans, uitgever en hoofdredacteur van Diabetes & Leven, diabetesverpleegkundige Titia Terburg en Herman Balkenende namens de Nederlandse Diabetes Federatie (NDF).

De jury heeft in de categorie ‘Printmedia’ gekozen voor het artikel van Jakko Gunst in het Reformatorisch Dagblad. In het artikel vertelt de familie Visser over de knelpunten waar zij op school en in de gastouderopvang tegen aanlopen door de diabetes van hun jonge dochter Aniek. Aniek is te jong om zelf insuline te spuiten. Zij is daarvoor afhankelijk van derden. Omdat insulinespuiten officieel een voorbehouden handeling, die eigenlijk alleen door behandelaren mag worden uitgevoerd, heeft dit allerlei gevolgen voor het dagelijkse (school)leven. De medische aansprakelijkheid blijkt voor veel scholen een knelpunt om een kind met diabetes te plaatsen. Volgens de jury vormt het artikel een goede weergave van de werkelijkheid. Het artikel geeft helder weer met welke -vaak onverwachte- problemen ouders met kinderen met diabetes op school te maken krijgen, bijvoorbeeld op aansprakelijkheidsgebied. Daarnaast is het artikel persoonlijk, prettig leesbaar en goed opgebouwd. In het artikel worden onderzoeks-resultaten aangehaald en wordt duidelijk aangegeven wat de huidige wetgeving is op het gebied van insuline spuiten. De jury is van mening dat dit artikel lezers aanzet tot nadenken.

Verder heeft de jury in de categorie ‘Televisie’ gekozen voor de uitzending ‘Dag van de Suikerziekte’ van het NOS Jeugdjournaal, omdat het gericht is op een brede doelgroep, objectief is, goed weergeeft wat diabetes is en wat de impact ervan is op het dagelijkse (school)leven. In de uitzending vertelt Sarwesh uit groep 8 over hoe hij en zijn klasgenoten op school met zijn diabetes omgaan. In de praktijk blijkt namelijk dat de begeleiding en de ondersteuning van kinderen met diabetes op school in Nederland vaak onvoldoende is. Volgens de jury geeft deze uitzending van het NOS Jeugdjournaal hoop voor de toekomst door de interesse van de landelijke politiek in een oplossing voor deze problemen.

Over de Novo Nordisk Media Prize
Het aantal mensen met diabetes neemt nog steeds toe en deze chronische ziekte verdient dan ook onze volle aandacht. Media spelen wereldwijd een belangrijke rol bij het verhogen van het bewustzijn en kennis over diabetes. Om hieraan een bijdrage te kunnen leveren heeft Novo Nordisk de Novo Nordisk Media Prize geïnitieerd. De Novo Nordisk Media Prize bestaat internationaal al sinds 2003. Met ingang van 2009 doet ook de Nederlandse vestiging hieraan mee. De Novo Nordisk Media Prize bestaat uit een nationale en internationale verkiezing en bestaat uit drie categorieën: ‘Printmedia’, ‘Televisie’ en ‘Online media’. De winnaars van de nationale verkiezing dingen mee naar de internationale Media Prize, waaraan ca. 24 landen deelnemen. De Nederlandse prijzen bestaan uit € 1.000,- en een certificaat. De drie uiteindelijke internationale winnaars ontvangen een beeld en mogen € 10.000,- doneren aan een zelfgekozen goed doel dat zich richt op diabetes. De internationale winnaars van de Novo Nordisk Media Prize 2009 worden in september 2009 bekend gemaakt voorafgaand aan het EASD (European Association for the Study of Diabetes) in Wenen, Oostenrijk.
Meer informatie: www.changingdiabetes.nl/mediaprize.

Jonge MS-patiënten welkom op landelijke bijeenkomst

28 Mei 2009

Komend weekend wordt voor de vierde keer de landelijke informatiedag voor kinderen en jongeren met MS georganiseerd. De bijeenkomst vindt plaats in de Efteling op zaterdagochtend 30 mei 2009. Na afloop kunnen de kinderen samen met hun ouders de Efteling bezoeken.

Multiple sclerose is een zeldzame aandoening bij kinderen. Er is veel te verbeteren op het gebied van zorg en aandacht voor kinderen met MS. In dat kader organiseerde MS Centrum ErasMS de afgelopen drie jaar informatiedagen voor kinderen en jongeren met MS en hun ouders.

Rollen omgedraaid
Tijdens de eerste twee edities vertelden dokters en therapeuten over de nieuwste inzichten rondom MS bij kinderen. Bij de laatste informatiebijeenkomst afgelopen jaar waren de rollen omgedraaid: kinderen en jongeren met MS of een van hun ouders waren de sprekers, met als luisteraars de dokters, therapeuten en andere aanwezige patiënten met hun ouders. Het doel van de interactieve bijeenkomst is om onderlinge ervaringen uit te wisselen en professionals te laten horen wat er leeft, wat er niet goed is, waar extra aandacht nodig is, etc.

Jonge patiënt welkom
Hoewel de grens bij kinderen normaal gesproken 16 jaar is, zijn er natuurlijk ook jongeren die recentelijk de diagnose MS hebben gekregen en al snel 17 of 18 zijn geworden. Daarom is iedere patiënt onder de 19 jaar, met MS of een variant zoals ADEM, ruggenmergontsteking, oogzenuwontsteking of ziekte van Devic, zaterdag samen met de ouders van harte welkom in de Efteling.

Aanmelden kan via mscentrum@erasmusmc.nl.

Kijk voor meer informatie over het MS Centrum op de website.

De organisatie is handen van MS Centrum ErasMS, het MS Centrum van het Erasmus MC in Rotterdam, in samenwerking met de landelijke werkgroep ADEM/ MS bij kinderen (Nederlandse Vereniging voor Kinderneurologie), MS Research, MSVN, het Nationaal MS Fonds en MSWeb.
[Erasmus MC]

Stijve spieren remmen spastische kinderen af

28 Mei 2009

Spastische kinderen lopen meestal langzamer dan gezonde kinderen omdat hun spieren zich tijden het lopen minder ‘soepel’ gedragen. Daarnaast zijn de spieren van deze kinderen meer actief als ze worden opgerekt wat de beweging afremt en dus ten koste gaat van de snelheid. Dit concludeert bewegingswetenschapper Marjolein van der Krogt in haar onderzoek waarop ze 27 mei promoveert bij VU medisch centrum.

Kinderen met cerebrale parese of kortweg CP, een (meestal aangeboren) hersenletsel, hebben vaak moeite met lopen. Zij lopen bijvoorbeeld op hun tenen of met gebogen knieën, wat erg vermoeiend is. Marjolein van der Krogt onderzocht een aantal factoren die deze loopafwijkingen kunnen veroorzaken. Zij keek met name naar de rol van spasticiteit tijdens het lopen, een aandoening waarbij een spier op het verkeerde moment actief wordt, waardoor het als een rem werkt.

Van der Krogt deed experimenten bij kinderen met CP en bij gezonde kinderen, waarbij bleek dat spastische spieren zich anders gedragen dan gezonde spieren tijdens het lopen. De spastische spieren rekten langzamer op en bereikten kortere lengtes. Zij waren dus ‘stijver’. Bovendien waren de spieren meer actief juist op het moment dat ze opgerekt werden en remden dus de beweging af. Deze effecten werden erger als de kinderen sneller gingen lopen, waardoor zij bijvoorbeeld nog meer op hun tenen gingen lopen. Dit kan een mogelijke verklaring zijn waarom de loopsnelheid van kinderen met CP vaak lager is dan die van gezonde kinderen. De resultaten bieden aanknopingspunten om de oorzaken van loopafwijkingen bij individuele patiënten met CP beter te kunnen bepalen en zo de behandeling te kunnen verbeteren.
[VUMC]

Gigantische toename van kinderdiabetes in 2020

28 Mei 2009

KinderdiabetesHet aantal gevallen van diabetes type 1 bij kinderen onder vijf jaar zal in Europa verdubbeld zijn in 2020. Suikerziekte bij kinderen onder vijftien jaar zal 70 procent meer voorkomen dan nu het geval is. Dat stellen onderzoekers op basis van de gegevens over suikerziekte over de jaren 1989-2003.

Vooral in de vroegere communistische landen van Oost-Europa zal de ziekte toeslaan. Het internationale onderzoek is donderdag in het vooraanstaande Britse medische tijdschrift The Lancet gepubliceerd.

Mensen met diabetes type 1 maken zelf in het geheel geen insuline meer aan. De ziekte heette vroeger ook wel jeugddiabetes, omdat zij vooral bij mensen onder 30 jaar ontstaat. Ongeveer 10 procent van de 180 miljoen diabetespatiënten in de wereld lijdt aan type 1. Verwacht wordt dat in 2020 160.000 Europese kinderen onder de vijftien jaar diabetes 1 hebben. Momenteel zijn dat er 94.000.

Het is niet bekend waarom de ziekte zo snel om zich heen grijpt. De stijging is volgens de wetenschappers dramatisch en kan niet alleen worden toegeschreven aan genetische factoren. De moderne levensstijl en milieufactoren zouden mogelijk de boosdoeners zijn. Maar wat precies de suikerziekte bevordert, is nog onbekend. Het is ook niet duidelijk hoe het er buiten Europa voor staat. Europese landen hebben betrouwbare gegevens over de aandoening opgeslagen, wat het onderzoek mogelijk heeft gemaakt. Die gegevens ontbreken in veel landen, inclusief de Verenigde Staten.