Ontbijtproducten vol met suiker

SuikerklontjesOntbijtproducten speciaal voor kinderen zijn geen goede vervanger voor de boterham. Ontbijtproducten zitten vol met suiker en daardoor kan het beter worden omschreven als snoep dan ontbijt. Dat blijkt uit een test van ontbijtproducten als muesli, cruesli, drinkontbijt en kinderontbijt door de Consumentenbond. De uitkomsten staan in de Consumentengids van juni.

Bij de cruesli’s was de conclusie van de Consumentenbond eenvoudig: deze ontbijtproducten zitten vol met verzadigd vet en suiker (boven de norm van het Voedingscentrum) en geen enkel product volstaat als vervanger van de ouderwetse volkorenboterham.

Cruesli’s bevatten “van nature” zeven procent suiker, wat door de fabrikanten vaak wordt aangevuld tot 20 procent. Het resultaat van Kellogg’s Smacks was schrikbarend, dit product bestaat voor bijna de helft uit suiker, namelijk 47 procent.

De hoeveelheid vezels in de cruesli is wel in orde en komt ongeveer overeen met twee volkorenboterhammen, ook leveren ze genoeg energie. Dat doen drinkontbijten dan weer niet en die bevatten ook weinig vezels.

Samenwerking NISB en fitnessbranche

NISBFitness is een hele mooie start voor de ‘beginnende beweger’. Dit is het motto van de campagne die het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen (NISB) samen met fitnessbranche dit najaar lanceert. Uniek is dat de overheidscampagne optrekt met de volledige fitnessbranche. NISB voert de meerjarige campagne 30minutenbewegen uit in opdracht van het ministerie van VWS; de fitnesscampagne maakt hier deel van uit. (Bron: NISB)

Zowel ketens van sportinstituten, brancheorganisaties als leveranciers van apparatuur streven er – met NISB – naar dat in ruim 400 locaties in Nederland vele duizenden ‘te-weinig-actieven’ kennis maken met bewegen: in de sportschool, maar ook daar buiten. De fitnessactie is één van de campagnemiddelen om de Nederlander bekend te maken met de norm van 30minutenbewegen, zo is vandaag toegelicht door directeur Clémence Ross en projectleider Karel Determan op de Wellness Conventie 2008 op Papendal. “Het besef groeit dat ook de fitnessbranche een zeer belangrijke partner is voor het tegengaan van de bewegingsarmoede in Nederland. Overal zijn locaties, het is vaak laagdrempelig met een heel divers aanbod en er is opgeleid kader. Naar ons idee kunnen maatschappelijke doelen prima worden verenigd met ondernemersdoelen.”, aldus Clémence Ross.

Daarom worden de nog inactieve Nederlanders verleid met een speciale campagne om te gaan fitnessen. Achterliggende gedachte is om hen vervolgens te laten inzien dat het gezondheidseffect groter is als zij nog vaker in de week sporten en bewegen. Beweegvormen als fietsen, wandelen, zwemmen, gymnastiek en fitness krijgen dan ook prioriteit. De deelnemende organisaties Fit!vak, VES, FGHS, HDD Groep, EEFA, Intenz en Lerf kijken uit naar deze nieuwe ‘takken van sport’.

De campagne wordt groots aangepakt. Het aanbod is een vierweeks programma mét intake en professionele begeleiding. Deelnemers gaan twee maal per week naar het fitnesscentrum en krijgen een startpakket met leefstijladvies, om het geleerde ook op de andere dagen van de week in praktijk te brengen. De ruim 400 deelnemende centra worden intensief begeleid. Voor de werving wordt radio en tv ingezet, ondersteund met specifieke acties om de regionale en lokale pers te attenderen op de actie in de buurt.

De fitnesscampagne vindt plaats in oktober en november 2008. De komende maanden wordt de campagne uitgezet onder fitnessscholen en worden de deelnemers geworven.
[NISB]

HIV zonder het te weten

AidsfondsIn Nederland zijn er minstens 7.400 mensen die niet weten dat ze hiv hebben. Naar schatting 18.500 mensen hebben hiv, waarvan 40 procent niet op de hoogte is van de hiv-status. Dit baart het Aids Fonds zorgen. Daarom lanceerde het Aids Fonds afgelopen week een nieuwe massamediale campagne om het Nederlandse publiek erop te wijzen dat er zowel nationaal als internationaal nog een hoop te doen is. Onder meer wordt aandacht gevraagd voor het aantal mensen dat zich niet heeft laten testen. Mensen die tot een risicogroep behoren worden door het Aids Fonds opgeroepen eens per jaar een hiv-test te doen.

Op tijd laten testen
Als iemand met hiv zich tijdig laat behandelen, heeft hij of zij een goede levensverwachting. Mensen die een te lage weerstand hebben als ze de uitslag ‘hiv-positief’ krijgen, hebben slechtere behandelingsperspectieven en een grotere kans om vroegtijdig te overlijden. Tijdige opsporing van een hiv-infectie is nodig om gezondheidsschade te voorkomen.

Verder geldt dat mensen die weten dat ze hiv hebben, veiliger vrijen dan mensen die dat niet weten. Ook vermindert de behandeling met hiv-remmers de besmettelijkheid, waardoor hiv moeilijker wordt overgedragen. Een dubbel belang dus om meer te testen op hiv, zowel voor de gezondheid van het individu als voor de volksgezondheid.

Het Aids Fonds zet de komende jaren in op een toename van het aantal mensen dat de eigen hiv-status kent. ‘Als je tot een risicogroep behoort, moet je eenmaal per jaar een hiv-test laten doen’, zegt Ton Coenen, directeur van het Aids Fonds ‘Met de beschikbaarheid van hiv-remmers is er in Nederland geen geldig excuus om dit niet te doen. Het is belangrijk om je dan meteen ook op andere soa’s te laten testen.’

Risicogroepen
Van de mannen met homoseksuele contacten heeft naar schatting 63 procent zich ooit laten testen op hiv. Maar slechts 30 procent van alle mannen met homoseksuele contacten heeft zich in het afgelopen jaar laten testen. En voor sommige etnische minderheden geldt dat de hiv-diagnose te laat wordt gesteld, waardoor zij een slechtere gezondheidsverwachting hebben. Vooral hiv-geïnfecteerden uit zuidelijk Afrika vinden de weg naar de dokter te laat. Ze komen vaak binnen met een al veel te lage weerstand, dat wil zeggen minder dan 200 CD4-cellen. Van de mensen die in de periode 2006-2007 gediagnosticeerd zijn met hiv, had 27 procent minder dan 200 CD4- cellen. Dit percentage varieert per etnische groep. Voor mensen afkomstig uit Nederland was het 22 procent, voor mensen uit zuidelijk Afrika 40 procent, Latijns Amerika 35 procent en de Caraïben 38 procent.

Nieuwe campagne Aids Fonds
De nieuwe campagne van het Aids Fonds maakt duidelijk dat hiv nog steeds actueel is in Nederland. Veel mensen met hiv hebben te maken met negatieve reacties uit hun omgeving en durven niet te vertellen dat ze hiv-positief zijn. De campagne wijst bovendien op de internationale aidsproblematiek. Zo krijgt 70% van de mensen met hiv wereldwijd niet de noodzakelijke hiv-remmers.
[Persbericht Aidsfonds]

Obesitas-epidemie niet door weinig beweging

HarlopenIn tegenstelling wat veel mensen denken is de enorme toename van het aantal mensen met ernstig overgewicht (obesitas) in de afgelopen jaren niet veroorzaakt door minder beweging.

Dit blijkt uit onderzoek van de Universiteit Maastricht en de Schotse Universiteit van Aberdeen wat wordt gepubliceerd in het International Journal of Obesity.

De enorme stijging van het aantal obese mensen komt vooral door een toename in de consumptie, aldus Klaas Westerterp, hoogleraar Humane Energetica in Maastricht.

Nieuwe behandeling cellulitis

CellulitisIn het Nijmeegse Canisius Wilhelmina Ziekenhuis (CWZ) starten plastisch chirurgen volgende week met een nieuwe methode om cellulitis te bestrijden. De nieuwe methode is de VelaShape-techniek, die in de Verenigde Staten is ontwikkeld. De VelaShape-techniek pakt de cellulitis (sinaasappelhuid) op drie manieren tegelijk aan.

Meer dan tachtig procent van de vrouwen heeft last van cellulitis. De bobbels en putjes komen vooral voor op billen, dijen en bovenbenen. Cellulitis heeft niets te maken met (over)gewicht en wordt met de jaren erger. De VelaShape-methode wordt niet door zorgverzekeraars vergoed. Een complete behandeling kost 750 euro volgens een woordvoerder van het ziekenhuis.

Meer verkeersongelukken door slaapapneu

SlaaptekortMensen met slaapapneu hebben zeven keer meer kans op een verkeersongeluk dan anderen. Ook raken ze veel vaker arbeidsongeschikt. Dat blijkt uit een onderzoek van de Nederlandse Longstichting.

Bij mensen met slaapapneu stopt het ademen tijdens het slapen geregeld meer dan 10 seconden. Daardoor zijn ze ’s morgens minder uitgerust en kunnen zij zich minder concentreren.

Nederland telt circa 50.000 slaapapneu-patiënten maar de helft weet niet dat het aan deze ziekte lijdt. Klachten als prikkelbaarheid en hoofdpijn worden dan toegeschreven aan een depressie of burn-out.

De Longstichting verwacht dat het aantal patiënten de komende jaren zal toenemen, door de vergrijzing en door het groeiende aantal mensen met overgewicht.

10 tips voor sporten met hooikoorts

HooikoortsHet voorjaar en de zomer zijn de maanden waarin de meeste hooikoortsklachten voorkomen. En hoe mooier het weer hoe meer klachten de groep hooikoortspatiënten heeft. Voor hooikoortspatiënten is dit een vervelende periode. Sporten is gezond, maar met hooikoorts kan het knap lastig zijn. Benauwdheid, een drukkend gevoel en een loopneus bemoeilijken het sporten. Daarom heeft de Vereniging voor Sportgeneeskunde samen met M. van der Werve, sportarts in het Rijnland Ziekenhuis, een aantal tips opgesteld om de sporter te adviseren bij sporten met hooikoorts.

1. Houdt er rekening mee dat vooral op zonnige en winderige dagen er veel stuifmeel in de lucht zit

2. Draag buiten een zonnebril ter bescherming van de ogen

3. Sport liever niet op droge, zonnige, winderige dagen. Train bij voorkeur ’s ochtends vroeg of na een regenbui

4. Kijk ook naar de locatie. Een bosrijke omgeving of gras zijn namelijk geen goede plaatsen om te sporten voor hooikoortspatiënten

5. Rust tussendoor voldoende en zorg dat je weerstand goed is;

6. Aan zee en hoog in de bergen bevat de lucht minder stuifmeel dan in het binnenland. Je kunt proberen hiermee rekening te houden met je vakantie/sportbestemming

7. Was de sportkleding meteen na het sporten. Pollen hechten zich namelijk goed aan bezwete kleding

8. Indien je ondanks voorzorgsmaatregelen toch klachten krijgt, kan de huisarts medicijnen voorschrijven om de overdreven afweerreactie van het lichaam af te remmen. Dit kan in de vorm van tabletten, oogdruppels of een neusspray. Vaak is het voldoende om alleen in het klachtenseizoen medicijnen te gebruiken

9. Mensen die aanleg hebben voor astma, kunnen tijdens het hooikoortsseizoen last hebben van een tijdelijke vorm van astma. Een piepende ademhaling of prestatieverlies bij allergie kan duiden op astmatische klachten. Zeker voor prestatiesporters kan het raadzaam zijn om te testen of tijdens hooikoortsklachten de longfunctie niet verslechtert door een allergische vernauwing van de luchtwegen

10. Volg het hooikoortsbericht. Vanaf half mei tot en met half juli worden er dagelijks hooikoortsverwachtingen gemaakt op grond van de weersverwachting en de bloeiperiode van de grassen. Deze verwachting is te horen op Radio 1 na het nieuws van 17.30 uur of te lezen op teletekstpagina 709.

[sportzorg.nl]

Belgische campagne tegen overgewicht

Mijn BuikomtrekDertien Belgische gezondheidsorganisaties hebben een nationale informatie-, vormings- en bewustwordingscampagne over overgewicht en obesitas gelanceerd. Alle Belgen met overgewicht die willen ontsnappen uit de vicieuze cirkel van het jojo-effect worden opgeroepen hun arts te raadplegen. Het doel: het blijvend verminderen van hun buikomtrek.

Een buikomtrek van 80 cm bij een vrouw en 94 cm bij een man betekent een verhoogd risico voor de gezondheid. De ophoping van vet rond de organen in de buik verstoort het vet- en suikermetabolisme Het betekent een hoger risico voor cardiovasculaire aandoeningen en het ontstaan van diabetes. Het verstoort daarenboven het evenwicht van de vetten in het bloed. De buikomtrek is dus een meting die veel zegt over iemands gezondheid.

Nog te vaak wordt een crashdieet gezien als de enige oplossing om de buikomtrek te verminderen. Voedingsadvies onder professionele begeleiding heeft zijn doeltreffendheid reeds bewezen. De rol van de arts is tweeledig: de ziektes die met overgewicht samengaan, behandelen en het gewichtsverlies omkaderen met realistische doelstellingen op lange termijn. Hij begeleidt de patiënt bij het veranderen van de levensstijl (evenwichtig eten en meer bewegen) en verwijst de patiënt, indien nodig, door naar andere specialisten (endocrinologen, diëtisten, psychologen, bewegingsspecialisten, ..). Parallel hiermee kan de arts, indien noodzakelijk, een medicamenteuze behandeling voorschrijven die de verandering van levensstijl ondersteunt.

Doe de buikomtrek-test op mijnbuikomtrek.be