Archief Februari 2006

Betere zorg suikerpatiënt door Diabetes Centrum Rijnmond

28 Februari 2006

De zorg voor 30.000 Rijnmonders met diabetes wordt reusachtig verbeterd door de komst van het Diabetes Centrum Rijnmond.

In het Diabetes Centrum Rijnmond werken huisartsen, specialisten en verpleegkundigen die diabeteszorg verlenen, nauw met elkaar samen. De komende maanden worden zoveel mogelijk patiënten ingevoerd in het computerprogramma DiMaSys, dat er onder andere voor zorgt dat mensen automatisch hun oproep krijgen voor de periodieke controles.

Het Diabetes Centrum is opgericht, omdat het aantal patiënten in de Rijnmond de komende tijd met ongeveer 3000 per jaar zal toenemen.

Het is belangrijk dat patiënten geregeld worden gecontroleerd, en vooral dat ze door een gezonde leefstijl zélf de risico’s beperken. Omdat bij de behandeling van suikerziekte heel veel hulpverleners zijn betrokken, is de zorg bovendien lastig te organiseren.

In het Diabetes Centrum Rijnmond draaien nu op proef 500 patiënten mee. Zij hebben allemaal een uitgebreid gesprek gehad waarbij hun lichamelijke conditie tot in detail in kaart is gebracht.

Het computerprogramma DiMaSys, dat staat voor Disease Management System, heeft hen vervolgens in drie patiëntencategorieën ingedeeld. Eén groep staat onder controle van de huisarts en de parktijkondersteuner. De volgende, iets ziekere categorie komt bij de diabetesverpleegkundige, de diëtist en de huisarts op controle. De laatste categorie heeft de meeste zorg nodig en loopt bij het diabetesteam in het ziekenhuis. Voordeel van zo’n indeling is dat iedere patiënt de zorg krijgt die hij nodig heeft.

Het samenwerkingsverband is uniek in Nederland. De organisatoren hopen zo de kwaliteit van de zorg te verbeteren en geld te besparen met de efficiëntere zorg.
[AD]

» meer nieuws over diabetes | suikerziekte

Relatie diabetes en glaucoom niet aangetoond

28 Februari 2006

Suikerziekte is toch geen risicofactor voor het ontwikkelen van glaucoom. Dit blijkt uit het proefschrift “Incidence and risk factors of open-angle glaucoma” waarop Simone de Voogd op 1 maart a.s. promoveert aan de Erasmus Universiteit te Rotterdam.

Glaucoom is een ziekte van de oogzenuw waarbij verlies optreedt van zenuwvezels. Het gevolg hiervan is gezichtsveldverlies dat soms zelfs tot blindheid kan leiden. In Nederland loopt een 60-jarige een kans van 1% om binnen vijf jaar een glaucoom te ontwikkelen. Bij een 80 jarige stijgt dit percentage naar 3%.
De Voogd betrok haar gegevens vanuit het ERGO onderzoek waar mensen van 55 jaar en ouder uit een bepaald deel van Rotterdam bij betrokken zijn en waar gekeken wordt naar de frequentie en risicofactoren van enkele invaliderende ziekten.
De onderzoekster keek naar mogelijke risicofactoren om glaucoom te ontwikkelen, zoals bijvoorbeeld diabetes en aderverkalking. Vooral diabetes wordt nogal eens in verband gebracht met glaucoom.

Echter uit het onderzoek blijkt dat er geen enkele relatie kan worden aangetoond tussen deze beide aandoeningen en het ontstaan van glaucoom.
Hiernaast keek de Voogd naar de invloed van kleine veranderingen in het DNA van een tweetal eiwitten die betrokken zijn bij de signaaloverdracht van het hormoon oestrogeen. Veranderingen in één eiwit (oestrogeen receptor beta) bleken te leiden tot een verhoogd risico voor mannen. Voor vrouwen kon geen verband worden aangetoond tussen DNA veranderingen en het ontstaan van glaucoom.

De Voogd doet enkele aanbevelingen voor nader onderzoek. Zo wil ze vooral kijken naar leefstijleffecten. Welke rol spelen bijvoorbeeld alcohol, koffie en sigaretten, overgewicht en hoge bloeddruk bij het ontstaan van glaucoom?
[Erasmus MC]

» meer nieuws over diabetes | suikerziekte

Hoge hakken slecht voor vruchtbaarheid

28 Februari 2006

Hoge hakken kunnen de vruchtbaarheid van vrouwen aantasten. Het onnatuurlijke looppatroon belast het schaambeen in hoge mate met nefaste gevolgen voor de fertiliteit, beweert de Britse expert David Moy. “Als vrouwen echt geven om hun gezondheid, dan kunnen ze beter hoge hakken mijden. Ze zijn het risico niet waard. Op hoge hakken lopen zorgt voor een compensatie-effect. Vrouwen gaan de druk aan de voorkant van hun voeten verlichten door hun bekken en schaambeen te kantelen en dat is allesbehalve goed voor hun vruchtbaarheid”, beweert Moy.

[HLN]

Kinderen met leerproblemen zien vaker slecht

28 Februari 2006

Kinderen met leerproblemen hebben tot 18 procent meer visuele stoornissen dan kinderen zonder leerproblemen. Het verband is ontdekt door een bioloog en een psycholoog van de Brusselse hogeschool Ehsal na visuele screeningtests bij 500 vier- tot twaalfjarigen in Vlaanderen. Het onderzoek zal volgens Het Laatste Nieuws in het maartnummer van het Belgische onderwijsmagazine Klasse verschijnen.

Volgens de bioloog Robert Marquet en psycholoog Dirk Smits hebben kinderen met leerproblemen meer moeite om scherp te zien, om hun blik te focussen op woorden en cijfers of om afstanden en dieptes in te schatten. Ze verwerken visuele informatie minder efficiënt dan andere kinderen en hun ogen zijn sneller vermoeid.

Veel visuele problemen worden pas zichtbaar zodra leerlingen in het eerste leerjaar van het basisonderwijs zitten. Dan leren ze immers lezen en schrijven en wordt meer van hun ogen gevergd. Maar veel tijd om visuele stoornissen op te lossen, is er dan niet meer. Eenmaal een kind negen jaar oud is, wordt het veel moeilijker om problemen te verhelpen, stelt Klasse.

Volgens Marquet en Smits testen de meeste Centra voor Leerlingenbegeleiding (CLB) en oogartsen het oog enkel als camera en checken ze het enkel op pathologieën. Ze doen geen bijkomende tests over bijvoorbeeld scherpstellen of coördinatie tussen oog en hand. Zo kan een kind perfect de letters in een boek lezen en de cijfers op het bord, maar als het moet switchen tussen de twee, lukt dat plots minder goed. Dat wijst op een probleem met scherpstellen. Slecht zien kan dan slecht leren worden, net zoals gehoorproblemen of een gebrek aan intelligentie dat kunnen.

De onderzoekers geven de leerkrachten van het kleuter- en basisonderwijs een checklist met twintig signalen om visuele stoornissen te herkennen in de klas. Ze geven ook tips om kinderen te leren zien.
[HLN]

Minder risico op hart- en vaatziekten door cacao en optimisme

28 Februari 2006

ChocoladeDagelijkse consumptie van voedingsmiddelen met cacao gaat gepaard met een lagere bloeddruk en een lager risico op sterfte aan hart- en vaatziekten. Daarnaast is er ook een mogelijk verband tussen een optimistische levensinstelling en een lager risico op sterfte aan hart- en vaatziekten. Dit concluderen onderzoekers op basis van de resultaten van langlopend onderzoek onder oudere mannen in Zutphen. Zij vinden het overigens nog te vroeg voor de conclusie dat het gebruik van voedingsmiddelen met cacao goed is voor bloeddruk en hart- en bloedvaten. De onderzoeksresultaten worden vandaag gepubliceerd in het Amerikaans wetenschappelijke tijdschrift The Archives of Internal Medicine.

De onderzoeken, in het kader van de zogenaamde Zutphen Ouderen Studie, zijn uitgevoerd door Wageningen Universiteit en het RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu). Aan het onderzoek naar het verband met de optimistische levenshouding hebben bovendien de GGZ Delfland, het Julius Centrum van het Utrechts Medisch Centrum en het Leids Universitair Medisch Centrum meegewerkt.

Cacao
De inname van cacao is berekend uit de gebruikelijke consumptie van chocolade en andere cacaobevattende voedingsmiddelen. Mannen met een dagelijkse cacao-inname van ongeveer vier gram hadden een lagere bloeddruk en een ongeveer 50 procent lager risico op sterfte aan hart- en vaatziekten dan mannen die minder dan een halve gram cacao gebruikten. Een cacao-inname van 4 gram komt overeen met ongeveer 10 gram pure chocolade.

Eerder onderzoek heeft aangetoond dat cacao de bloedvaten soepeler maakt waardoor zij beter kunnen reageren op veranderingen van de bloedstroom. Hierdoor wordt de bloeddruk binnen bepaalde grenzen gehouden en wordt het risico op hart- en vaatziekten verkleind. De effecten van cacao op hart- en bloedvaten worden toegeschreven aan de hoge concentraties van een bepaalde groep antioxidanten in cacao, de zogeheten flavanolen. Dit is het eerste epidemiologische onderzoek waarin de inname van cacao uit de voeding is gerelateerd aan bloeddruk en het risico op overlijden ten gevolge van hart- en vaatziekten. De onderzoekers vinden het daarom nog te vroeg om aanbevelingen te doen voor het gebruik van voedingsmiddelen met cacao.

Optimisme
In de Zutphen Ouderen Studie is ook het verband tussen een optimistische levenshouding en het risico op sterfte aan hart- en vaatziekten onderzocht. Optimisten bleken een ruim 50 procent lager risico te hebben om te overlijden aan hart- en vaatziekten dan mannen die minder optimistisch waren. Bij optimisme gaat het om de verwachting dat je positieve dingen zullen overkomen en dat je belangrijke doelen probeert te bereiken, ook als het tegenzit. Andere factoren zoals lichaamsbeweging, roken, lichaamsgewicht, bloeddruk, en cholesterol konden dit verband niet verklaren. De relatie met optimisme bleek ook grotendeels onafhankelijk te zijn van depressie.

Een mogelijke verklaring voor de relatie tussen optimisme en hart- en vaatziekten zou volgens de onderzoekers kunnen zijn dat optimistische mensen effectiever omgaan met problemen. Een optimistische levensinstelling zou iemand kunnen helpen om tegenslagen doeltreffender te overwinnen, bijvoorbeeld door zich beter aan behandeladviezen te houden of door meer steun en hulp voor zichzelf te mobiliseren. Optimisme kan ook helpen bij het verwerken van de negatieve gevolgen van stressvolle gebeurtenissen, zoals ziekte.

Zuthpen ouderen studie
Beide onderzoeken zijn uitgevoerd bij ongeveer 500 mannen van 65 jaar en ouder in Zutphen. In dit onderzoek is informatie verzameld over een groot aantal risicofactoren voor hart- en vaatziekten. Vanaf 1985 zijn deze mannen 15 jaar gevolgd. In die periode is elke 5 jaar uitgebreide informatie verzameld over voeding en leefstijl. Ook is optimisme gemeten met een korte vragenlijst die bestond uit vragen zoals: “Ik verwacht nog veel van het leven” en “Ik zie op tegen de komende jaren”. Tussen 1985 en 2000 zijn meer dan 300 mannen van deze onderzoekspopulatie overleden, waarvan de helft aan hart- en vaatziekten.
[Gezamenlijk persbericht van de Wageningen Universiteit en RIVM]

Minder sterfgevallen op zondagen

28 Februari 2006

Op zondagen sterven er in Nederland minder mensen dan op andere dagen. Dat blijkt uit cijfers die het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) maandag uitbracht.

Het lagere sterftecijfer is grotendeels toe te schrijven aan het feit dat er op de zondag doorgaans geen risicovolle ingrepen in ziekenhuizen worden uitgevoerd. In de periode tussen 2000 en 2005 stierven er op een zondag gemiddeld 366 mensen. Dat zijn er veertien minder dan op een gemiddelde dag.

Ook in en om het huis gaan er op zondagen minder mensen dood. Volgens het CBS vloeit dit lage aantal voort uit het feit dat er op de laatste dag van de week bijna geen levensbeëindigende handelingen worden uitgevoerd bij mensen die, na een ziekbed, doorgaans in een thuissituatie overlijden.

Verhoudingen
Het aantal sterfgevallen in en om het huis maakt ongeveer een derde deel uit van alle sterfgevallen. Een evengroot percentage sterfgevallen vond de afgelopen vijf jaar plaats in een ziekenhuis. Op dinsdag en vrijdag sterven er de meeste mensen in deze medische instellingen. Het aantal mannen dat in ziekenhuizen overlijdt, is 16 procent hoger dan het aantal vrouwen.

In verzorgings- en verpleeghuizen is de sterfte op zondag vrijwel gelijk aan het daggemiddelde. In deze instellingen overlijden twee keer zoveel vrouwen als mannen. ,,Dat is te verklaren omdat bewoners van verzorgings- en verpleeghuizen vaak vrouwen zijn omdat zij ouder worden dan mannen´´, aldus een woordvoerder van het CBS. ,,Mannen overlijden jonger en komen daaraan voorafgaand vaak in een ziekenhuis terecht met bijvoorbeeld hartfalen. Vandaar dat het percentage mannen dat in ziekenhuizen overlijdt weer hoger is dan het aantal vrouwen.´´

De lagere sterfte op zondagen geldt juist niet voor jongeren. Bij tieners en twintigers is in het weekeinde, voornamelijk op zaterdagen, juist sprake van een piek in het aantal sterfgevallen. In een derde van de gevallen wordt dit veroorzaakt door verkeersongevallen.
[ANP]

RSI zit niet tussen de oren

28 Februari 2006

Mensen die lijden aan RSI zijn mentaal net zo gezond als de gemiddelde werkende Nederlander. Zo blijkt uit onderzoek door het Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid onder leden van de RSI-patiëntenvereniging.

Volgens de onderzoekers is RSI dus geen modeziekte die vooral tussen de oren zit. Wel ondervinden mensen met RSI-klachten veel beperkingen in hun contacten met de omgeving en slikt meer dan de helft van hen pijnstillers.

Tegelijk blijkt uit een TNO-rapport dat recent aan de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is overhandigd dat de kosten van RSI voor de samenleving ruim twee miljard euro per jaar bedragen. Zowel de individuele als de collectieve kosten van RSI zijn dus onveranderd hoog.

De RSI-patiëntenvereniging roept overheid, werkgevers en verzekeraars op om investeringen te doen in onderzoek naar preventie en behandeling van RSI.
[i-Mail]

Getrouwde vrouwen leven minder lang

27 Februari 2006

Uit een Europese studie blijkt dat getrouwde mannen langer leven en vrouwen minder lang leven. Het huwelijk geeft mannen 1,7 jaar extra, maar bekort dat van de vrouw met 1,4 jaar.

Volgens de krant The Independent verkorten passief roken, stress en te veel seks haar leven. De studie, onder 100.000 Europeanen, stond onder leiding van de Duitse Magdeburg-universiteit.

Het team vermoedt dat het huwelijk zwaarder is voor een vrouw, omdat zij doorgaans meerdere taken moet combineren, zeker als ze ook buitenshuis werkt. Dat veroorzaakt stress en dat heeft een effect op de gezondheid. Alleenstaande vrouwen zonder kinderen bleken die stress veel minder te hebben.

Verder zouden alleenstaande vrouwen minder roken dan single-mannen, waaruit volgt dat als zij trouwen met een roker ze de rest van hun leven passief meeroken. Tenslotte vermoeden de onderzoekers dat regelmatige seks schadelijk is voor de levensverwachting van vrouwen, door allerlei hormonale veranderingen.
[ANP]

Te vroeg geboren baby later vaker somber

27 Februari 2006

Uit een onderzoek aan het Institute of Psychiatry in Londen blijkt dat kinderen die te vroeg worden geboren, later een grotere kans hebben om als jong volwassene somber, teruggetrokken en depressief te zijn. Bij meisjes is de invloed van een geboorte voor 33 weken zwangerschap groter dan bij jongens. De resultaten zijn gepubliceerd in het Amerikaanse Journal of Pediatrics.

De onderzoekers lieten 108 jonge volwassenen van 18 en 19 jaar, die meer dan zeven weken te vroeg waren geboren, 48 vragen beantwoorden. De antwoorden vergeleken zij met die van 67 mensen die op tijd waren geboren. De te vroeg geboren kinderen bleken veel minder extravert te zijn en juist meer ‘neurotische’ trekjes te vertonen, zoals een laag zelfbeeld en somberheid.

Het is nog onduidelijk is wat de oorzaak is van het verschil, volgens onderzoeker Mathew Allin zijn er verscheidene verklaringen mogelijk. Te vroeg geboren baby’s zouden gevoeliger kunnen zijn voor kleine hersenbeschadigingen, zoals infecties. Een andere mogelijkheid is dat baby’s die wekenlang in een couveuse moeten liggen niet genoeg de kans krijgen een band met hun ouders op te bouwen.

Depressie vergoot kans op xtc-gebruik

26 Februari 2006

Kinderen die symptomen vertonen van angsten en depressies gebruiken later in hun leven vaker xct dan ‘gewone’ kinderen. Dat blijkt uit onderzoek van het Rotterdamse Erasmus Medisch Centrum dat vrijdag wordt gepubliceerd in the British Medical Journal.

Diverse wetenschappers leggen de laatste jaren verbanden tussen het gebruik van xtc aan de ene kant en ziekteverschijnselen als depressie, psychosen en angststoornissen anderzijds. Het is voor deskundigen de vraag of mensen de drug gebruiken omdat ze mentale problemen hebben, of dat het gebruik van xtc lijdt tot de ziekten.

Onderzoekers van het Erasmus MC denken dat mensen die angstig zijn of aan depressies lijden, mogelijk vatbaarder zijn voor de effecten van de xtc. Regelmatig gebruik van de drug kan echter depressieve gevoelens versterken. De wetenschappers pleiten voor vervolgonderzoek.
[ANP]

Kleine kinderen geven ziektekiemen door aan ouders

25 Februari 2006

Ouders met kleine kinderen die ziek zijn, hebben veel kans wat later opnieuw naar de dokter te moeten omdat ze zich zelf niet lekker voelen. Mensen met jonge kinderen hebben meer griep en worden vroeger in het griepseizoen met het virus geconfronteerd.

“Kinderen geven een virus gemakkelijker aan elkaar en aan hun ouders door. Bij bejaarden is dat veel minder het geval omdat zij drogere slijmvliezen hebben”, zegt viroloog Marc Van Ranst van de KULeuven. “Na enkele jaren zijn ouders wel immuner voor de bacteriën die hun kroost het huis binnenbrengen”, nuanceert de professor.

Aansteken
Een rondvraag bij enkele Vlaamse huisartsen leert dat de tijdspanne waarin kinderen hun ouders aansteken, meestal een tot twee weken bedraagt. “In mijn praktijk blijven broers en zusjes van zieke kinderen dit jaar redelijk gespaard, terwijl we de ouders wel vaker terugzien”, zegt Christel Van Den Ende, huisarts in Brussel. Ze bevestigt de stelling van professor Van Ranst dat ouders na een tijd immuner worden. “Dat is trouwens ook voor ons, huisartsen, het geval.”

De andere huisartsen bevestigen dat griep en andere virussen via kinderen zeer gemakkelijk worden doorgegeven. Marc Van Ranst wijst er nog op dat ook het aantal onderwijsinstellingen waar kinderen van een gezin school lopen, een rol speelt. “Naar hoe meer scholen ouders hun kroost laten gaan, hoe meer ziektekiemen er zich in huis bevinden”, luidt het.

Volgens de specialist is het griepvirus sinds vorige week in het land, hoewel er niet echt sprake is van een piek. “Het gaat om een kleine epidemie, met vooral griep van het B-type. Die is milder dan de A-variant”, aldus Van Ranst.
[HLN]

Afvallen voor Dummies

25 Februari 2006

Afvallen voor Dummies is een boek waarin Carol Rinzler uitlegt hoe je een effectief dieetplan opstelt dat gebaseerd is op gezonde voeding en niet op onzin. Bovendien biedt je ze een heel arsenaal aan tabellen, menu’s, boodschappenlijstjes en andere hulpmiddelen die je helpen gezond te eten, gemotiveerd te blijven en de overtollige kilo’s voorgoed kwijt te raken.

Minder vaak dialyse voor oudere nierpatiënt

24 Februari 2006

Nederlandse oude nierpatiënten krijgen beduidend minder vaak nierdialyse aangeboden dan in Duitsland en België. Dat blijkt uit onderzoek van het Universitair Medisch Centrum in Groningen, waar De Gelderlander vrijdag over heeft geschreven.

Onderzoeker A. Visser wil weten hoe dit komt. In samenwerking met de Nierstichting en de Nierpatiënten Vereniging Nederland wil ze aanvullend onderzoek doen onder vijfhonderd huisartsen, betrokken specialisten en twintig oudere nierpatiënten.

Als hieruit blijkt dat er inderdaad sprake is van blokkades voor oudere nierpatiënten zijn, dan wil de Nierstichting daar actie tegen ondernemen, zo maakte de organisatie bekend.
[ANP]

Europeanen worden steeds gezonder oud

24 Februari 2006

We worden in opeenvolgende generaties gezonder oud. Lichamelijk functioneren, psychisch welzijn en het geheugen nemen minder af bij het ouder worden. Ziekte en sterfte worden hierdoor steeds meer uitgesteld. De gezondheid van duizenden personen van middelbare leeftijd en van ouderen in dertien Europese landen werd gedurende 35 jaar bestudeerd in het door de Europese Unie gefinancierde HALE-project. In dit onderzoek, gecoördineerd door het RIVM in samenwerking met Wageningen Universiteit, stonden voeding en leefstijl centraal.

HALE staat voor “Healthy Ageing: a Longitudinal study in Europe”, ofwel “Gezond ouder worden: een langlopende vervolgstudie in Europa”. De resultaten tonen aan dat de gevolgen van ouder worden samenhangen met voeding en leefstijl (roken, alcohol, bewegen). Mediterrane voeding, matig alcoholgebruik, niet roken en regelmatig bewegen dragen ieder afzonderlijk en vooral in combinatie bij aan het verlagen van het sterfterisico bij ouderen. Deze resultaten bevestigen uitkomsten van eerdere onderzoeken uitgevoerd bij personen van middelbare leeftijd.

Het onderzoek toont aan dat gezond leven ook op hogere leeftijd een groot effect kan hebben. Een lage bloeddruk en weinig cholesterol in het bloed zijn ook bij ouderen gerelateerd aan een lager risico op sterfte aan hart- en vaatziekten. Blijven bewegen, matig koffiegebruik, getrouwd zijn of samenwonen verkleinen de kans op achteruitgang in het geheugen. Door de lange looptijd van dit onderzoek kan ook geconcludeerd worden dat de huidige epidemie van overgewicht niet iets is van alleen de laatste jaren: het aantal mensen met overgewicht neemt al toe sinds 1960.
[RIVM]

Krachttraining tot spieruitputting levert weinig extra op

24 Februari 2006

DumbellBij krachttraining wordt aangeraden om de beweging te blijven herhalen tot spieruitputting is bereikt. De gedachte hierachter is dat er bij vermoeidheid, extra units worden bijgeschakeld die normaal de kantjes ervan aflopen. Het resultaat zou dan een volledigere training zijn en dus een beter resultaat. Laten ze dat nu eens proefondervindelijk getest hebben.

Een groep (1) van 14 mannen ging tot spieruitputting en een controle groep (2) van 15 mannen deed dat niet. Zij trainden elf weken, gevolgd door nogmaals vijf weken waarbij het accent gelegd werd op maximale krachtinspanning.

Er werd bloed afgenomen in de zes, de elfde en in de laatste zestiende trainingsweek. De resultaten waren als volgt:

Beide groepen hadden vergelijkbare krachttoenames (1 RM) bij bankdrukken, squaten, armbuigingen en beenstrekken. Groep 1 kon meer herhalingen doen bij het bankdrukken, terwijl groep 2 meer kracht in de benen kreeg. Bloedonderzoek wees bij groep 2 uit dat het cortisol (stress) hormoon afnam en de hoeveelheid testosteron toenam.

De onderzoekers concluderen dat trainen tot spieruitputting niet per definitie leidt tot een beter resultaat en dat voor maximale kracht, het tegenstelde wel eens het geval kan zijn.
[Chivo.nl]