Gezonderworden.nl

Nieuws over gezondheid, overgewicht en diabetes

Virtueel voorbereid naar het ziekenhuis

mmc informedAls eerste ziekenhuis ter wereld gaat Máxima Medisch Centrum patiënten met virtual reality voorbereiden op behandelingen waar ze tegenop zien. Voor aanstaande moeders is dat bijvoorbeeld een bevalling via de keizersnede, voor kinderen het verwijderen van gips. Met een virtuele bril kunnen ze voorlichtingsvideo’s in 360 graden bekijken en ervaren ze precies wat er in het ziekenhuis gaat gebeuren. Deze realistische beleving geeft de patiënt meer controle en vertrouwen waardoor de angst vermindert.

Infor-Med, zo heet deze nieuwe, revolutionaire innovatie van arts-onderzoeker Stefan Van Rooijen en chirurg Gerrit Slooter van MMC. Uniek omdat het door zorgverleners zelf is ontwikkeld en volledig is geënt op de moderne informatiebehoefte van patiënten. Slooter: “Patiënten hebben aangegeven dat ze behoefte hebben aan een levensechte beleving om vooraf te weten wat ze in het ziekenhuis te wachten staat. Een standaard folder blijkt daarin niet afdoende.” Met technische ondersteuning van de Health Innovation Campus, Brainport Development en Visyon360 werd onlangs de eerste virtual reality-video gelanceerd die kinderen in het Máxima voorbereidt op bloedprikken. Inmiddels zijn er meerdere video’s gemaakt over behandelingen waar veel patiënten angstig voor zijn: een keizersnede of gips afzagen bij een kind. Ook zijn er video’s ter voorlichting, zoals over abnormaal vaginaal bloedverlies bij vrouwen en over liesbreukoperaties waarvoor in MMC veel aandacht is.

De patiënt kan deze realistische virtuele ervaring overal, dus ook gewoon thuis beleven. “Het enige wat je nodig hebt is je eigen smartphone en een speciale bril (virtual reality viewer). Op de bril speel je de speciale Infor-Med app af die je in je App-store kunt downloaden. Door de bril op te zetten, beleef je de medische voorlichting in 360 graden virtual reality. Het voelt alsof je erbij bent, in de operatiekamer of de gipskamer”, vertelt Stefan van Rooijen.

Keizersnede in virtual reality
Gynaecoloog Martina Porath is bijzonder enthousiast over de virtual reality-video die vrouwen voorbereidt op een bevalling via de keizersnede. “In een folder of mondeling kun je vrouwen niet volledig voorbereiden op deze ingrijpende ervaring. Zolang je het niet zelf beleeft, blijft het abstract en onwerkelijk. Dat is precies de kracht en de meerwaarde van deze innovatie. Vrouwen krijgen een realistisch beeld van wat er gaat gebeuren. Vanaf de ontvangst op de afdeling tot het moment waarop ze met hun kindje op de borst op de kamer liggen; ze beleven elke stap, het voelt alsof ze er gewoon bij zijn. Ze kunnen alle hoeken van de kamer zien. Als ze naar links kijken, zien ze de baby. Kijken ze naar rechts, dan staat daar de anesthesist.” Volgens de gynaecoloog past deze virtual reality-ervaring naadloos in het Family Centered Care concept van het Vrouw Moeder Kind-centrum, om angst zoveel mogelijk weg te nemen en vrouwen een actieve rol te geven rond hun keizersnede. “Alles draait om de zwangere vrouw en haar gezin. Daar sluit dit concept heel mooi op aan.”

Gips afnemen
Ook voor kinderen met een gebroken arm of been is er een virtual reality-video gemaakt. Met de speciale bril op ervaren zij dat het doorzagen van het gips niet zo eng is als het lijkt. Kinderen zien vanaf de binnenkomst in het ziekenhuis stap voor stap wat er gebeurt, hoe de ruimte eruit ziet en wie er werken. “Het mooie aan deze innovatie is dat het direct winst oplevert voor de patiënt. De kracht zit ‘m in de beleving. Als je het gevoel hebt dat je iets al een keer hebt ervaren, hoef je niet meer bang te zijn”, vertelt MMC chirurg en mede-initiatiefnemer Gerrit Slooter, die in dit project de behoeften van artsen en patiënten met elkaar verbindt.

De toekomst is nu
De innovatie Infor-Med is een zusje van VisitU, een eerdere technologische vinding van Stefan van Rooijen die MMC met succes op de kinderafdeling heeft doorgevoerd. Met een virtuele bril kunnen jonge patiëntjes via een livestreamverbinding contact leggen met hun familie en wanen ze zich even helemaal thuis. De nieuwe technologie maakt een ziekenhuisopname voor kinderen een stuk aangenamer en bevordert daarmee hun herstel.

Volgens chirurg Gerrit Slooter krijgt virtual reality de komende jaren binnen MMC een prominente plek in de voorlichting aan patiënten. “De toekomst is nu. Als arts zie ik het als mijn taak om technische innovaties te koppelen aan de dagelijkse zorg. Bij diverse onderzoeken en behandelingen kunnen belevingsvideo’s de angst van patiënten verminderen. Denk aan een MRI- of CT-scan. Maar ook rond complexe aandoeningen zoals kanker. Door de spanning en emotie blijft veel informatie die patiënten op het spreekuur krijgen niet hangen. Een virtual reality-video kan dan in een later stadium duidelijkheid en vertrouwen bieden. Niet alleen voor de patiënt zelf, maar ook voor zijn familie die dezelfde informatie en beleving hebben gehad. Dat komt het herstel alleen maar ten goede.”

Bekijk de video op Youtube.

[Máxima Medisch Centrum]

Groot Europees onderzoek naar ADHD van start

Binnenkort start een groot Europees onderzoek naar ADHD. Het is een onderzoek naar oorzaken en gevolgen van ADHD om zo tot preventie en betere behandelingen te komen. Het UMCG coördineert een belangrijk deel van deze studie. Onlangs stelde de EU een subsidie beschikbaar die dit onderzoek mogelijk maakt. Aan de studie doen liefst 17 onderzoeksinstituten in 8 Europese landen mee. LifeLines levert gegevens aan voor het Groningse deel van het onderzoek.

Onderzoeker Catharina Hartman van het UMCG is projectleider van het epidemiologisch deel van Europese onderzoek en coördineert vanuit Groningen het onderzoek naar ADHD gedurende de hele levensloop: “Het doel van ons deel van het grote Europese onderzoek is om ADHD systematisch in kaart te brengen, van de kindertijd tot de ouderdom. In meerdere landen kijken we naar patronen van problematiek binnen families en naar de genetische achtergrond.” Hartman maakt hierbij gebruik van Lifelines, dat een belangrijke rol speelt in de studie; er wordt een speciale vragenlijst afgenomen bij zowel kinderen, volwassenen als ouderen onder de Lifelines-deelnemers. De gegevens uit Lifelines worden vergeleken en gecombineerd met gegevens uit andere landen.

Lees verder op de website van het UMCG

Ook voor mensen met een lichamelijke handicap is sporten gezond

Sport en bewegen is zinvol voor mensen met een lichamelijke handicap. Vooral beweegvormen waarbij kracht en conditie worden getraind lijken positieve effecten op hun gezondheid te hebben. Bij sportorganisaties, trainers en begeleiders is veel praktisch bruikbare kennis aanwezig voor het sporten van mensen met een lichamelijke handicap. Dit blijkt uit de kennissynthese ‘Sport en bewegen voor mensen met een lichamelijke handicap: zinvol en effectief?’ die het NIVEL maakte in opdracht van het ministerie van VWS.

In het kabinetsbeleid ‘Grenzeloos actief’ staat het realiseren van een passend lokaal en regionaal sportaanbod voor mensen met een handicap centraal. Dit vraagt extra investeringen van overheid en sportaanbieders. In dat kader is het relevant om te weten wat de effecten van sport en bewegen zijn voor mensen met een lichamelijke handicap, en wat specifieke aanbevelingen zijn voor het sporten.

Sport en bewegen effectief
Voor mensen met een lichamelijke handicap is sport en bewegen belangrijk. Aandoening-specifieke klachten als verminderde spierkracht, coördinatie of balans kunnen door sport en bewegen gunstig worden beïnvloed. Maar ook algemene gezondheidsproblemen die een indirect gevolg zijn van de handicap kunnen verbeteren, zoals een verminderde conditie. In deze kennissynthese werd weinig onderzoek gevonden dat is opgezet vanuit de gedachte dat sport gewoon leuk mag zijn, of dat sport belangrijk is om mee te doen als volwaardig lid van de maatschappij. Dit zijn echter vanuit het ministerie van VWS belangrijke motivaties om sport voor mensen met een handicap te stimuleren. Een aanbeveling is dan ook om deze aspecten verder te onderzoeken.

Gewoon waar het kan, aangepast als het moet
Een andere belangrijke aanbeveling is om bij het sporten met mensen met een lichamelijke handicap vooral uit te gaan van hun mogelijkheden en niet van hun beperkingen. Dus ‘gewoon te sporten waar het gewoon kan, en aangepast waar het moet’. NIVEL-onderzoeker Chantal Leemrijse: ‘Trainers moeten goed overleggen met de sporter zelf wat hij/zij wil, kan en mag, en welke hulp gewenst is. Waarschijnlijk is een sportaanbod ‘in de buurt’ niet voor ieder type handicap haalbaar, en kan soms beter worden ingezet op goede regionale voorzieningen en een bijpassende vervoersregeling.’

Onderzoek
In de kennissynthese is een overzicht gemaakt van de wetenschappelijke literatuur. Verder werden praktische tips en aanbevelingen verzameld via websites van relevante (sport)organisaties. Tevens zijn trainers, begeleiders en zorgverleners benaderd die ervaring hebben met het sporten met mensen met een lichamelijke handicap. In het rapport worden aanbevelingen geformuleerd voor beleidsmakers en sportaanbieders om het sporten voor mensen met een lichamelijke handicap verder te stimuleren.
[NIVEL]

MMC voldoet ruim aan landelijke kwaliteitsnormen uro- oncologische behandelingen

Maxima Medisch CentrumMMC voldoet als één van de weinige ziekenhuizen in Brabant al jaren ruim aan de kwaliteitsnormen op het gebied van blaas-, prostaat- en nieroperaties gesteld door zowel de Nederlandse Vereniging voor Urologie als door de zorgverzekeraars. De afdeling urologie van MMC geeft openheid over haar operatieresultaten. Dit alles in het kader van transparantie van de zorg. 

Uro-oncologische chirurgie wordt steeds vaker alleen door gespecialiseerde ziekenhuizen aangeboden. Deze trend zet naar verwachting zover door, dat deze ingrepen landelijk gezien geconcentreerd zullen worden binnen enkele gespecialiseerde centra. Een dergelijk centrum voldoet aan alle kwaliteitsnormen van zowel de Nederlandse Vereniging voor Urologie(NVU) als aan die van de zorgverzekeraars op het gebied van de drie meest voorkomende uro-oncologische operaties: blaaskanker-, prostaatkanker- en nierkankeroperaties. MMC voldoet al jaren ruim aan de landelijke norm voor deze drie operaties en verrichtte in 2014 zelfs de meeste operaties voor blaas-, prostaat- en nieroperaties in de directe omgeving. Hiermee voldoet MMC als één van de weinige ziekenhuizen in de regio Brabant aan de normen van de NVU en de zorgverzekeraars.

Verwijscentrum voor complexe zorg
Momenteel is de afdeling urologie van MMC verwijscentrum voor andere ziekenhuizen in de regio Zuid-Oost Brabant (en daarbuiten) voor bepaalde operatie indicaties zoals oncologische urologie. “We zijn blij met de samenwerking met de urologische afdelingen van ziekenhuizen in de omgeving. Samenwerking geeft betere kwaliteit van zorg”, vertelt Laurent Fossion, uroloog MMC.

Hoogwaardige kijkoperaties
Alle onco-urologische ingrepen vinden in MMC plaats door middel van kijkoperaties (laparoscopie). Dit is uniek in Nederland. Hierdoor is een operatie minder belastend voor de patiënt (vanwege kleine wondjes), ontstaat er minder bloedverlies tijdens de operatie, hoeft de patiënt nog zelden naar de intensieve care afdeling na de ingreep, zien we minder complicaties en kan de patiënt eerder naar huis en aan het werk.

Deze techniek past in de visie van MMC om met innovatieve technieken de kwaliteit van de zorg verder te verbeteren. In het Centrum voor Kijkoperaties worden diverse vormen van kijkoperaties verricht en werken chirurgen, gynaecologen en urologen nauw samen. Allen hebben ruime ervaring in zowel de persoonlijke begeleiding van de patiënt als in de operatieve behandeling.

De landelijke kwaliteitsnormen NVU samengevat:

  • Minimaal 20 cystectomieën voor blaaskanker (verwijderen van de blaas bij blaaskanker) per ziekenhuis per jaar (norm zorgverzekeraars ligt hiervoor op 20).
  • Minimaal 20 radicale prostatectomie ingrepen (verwijdering van de prostaat) per ziekenhuis per jaar (norm zorgverzekeraars ligt hiervoor op 30).
  • Minimaal 10 nierkanker operaties per ziekenhuis per jaar
  • Altijd van tevoren multidisciplinair overleg.
  • Goede mondeling en schriftelijke voorlichting aan patiënt.
  • Aantoonbare ervaring met verschillende vormen van urinedeviatie.
  • Minimaal intensive care level 2 beschikbaar in ziekenhuis.
  • Deelname aan landelijke registratie blaaskankerbehandeling NVU

Meer informatie over de landelijke kwaliteitsnormen
[Máxima Medisch Centrum]

Onderzoek: drinkpakjes schoolkinderen zijn suikerbommen

suikerklontjesUit onderzoek van foodwatch blijkt dat de populaire drinkpakjes die veel kinderen mee naar school krijgen, ongezonde suikerbommen zijn: bijna één op de vier drinkpakjes bevat zelfs meer suikers dan Coca-Cola. Cola is al extreem zoet met zo’n vijf suikerklontjes per glas. De Gezondheidsraad waarschuwde afgelopen najaar in haar nieuwe Richtlijnen goede voeding al voor te hoge consumptie van gesuikerde dranken vanwege het risico op diabetes type 2, hartziekten en beroerte.

Een kind van acht consumeert jaarlijks ruim zijn of haar eigen gewicht aan suikers: 51 kilo. Hiervan is pakweg de helft tafelsuiker. foodwatch onderzocht 194 drinkpakjes die de grote vijf supermarkten verkopen. Onder de 45 drinkpakjes met meer suikers dan Cola bevinden zich veel ‘vruchten’-drankjes met toegevoegd suiker, chocomel en drinkyoghurts. Minister Schippers erkent de noodzaak van een reductie van suiker, vet en zout in levensmiddelen en heeft haar hoop gevestigd op zelfregulering middels het Akkoord Verbetering Productsamenstelling. Deze zelfregulering faalt echter. Zelfs de minister gaf afgelopen december in een brief aan de Tweede Kamer toe dat de door de fabrikanten voorgestelde maatregelen ‘niet erg ambitieus zijn’. foodwatch roept Minister Schippers in een e-mailactie op om de gezondheid van consumenten niet langer in handen van de voedselindustrie te leggen en zelf maatregelen te nemen.

Lees verder op de website van Foodwatch

Jojo- effect niet groter na een crashdieet

overgewichtMensen met overgewicht die in korte tijd veel gewicht verliezen, komen na het dieet niet méér aan dan mensen die geleidelijker afvallen. Dat blijkt uit onderzoek van o.a. Roel Vink, Edwin Mariman en Marleen Baak van de Universiteit Maastricht, dat deze week is verschenen in het tijdschrift Obesity. Algemeen wordt aangenomen dat het niet goed is om in korte tijd veel gewicht te verliezen (een zogenaamd crashdieet) omdat dit het risico op gewichtstoename na het dieet (het jojo-effect) zou verhogen. Dit onderzoek laat echter zien dat deze aanname niet klopt. Dit kan gevolgen hebben voor dieetadvies aan mensen met (ernstig) overgewicht.

Voor het onderzoek werd een groep van 60 personen met overgewicht of ernstig overgewicht verdeeld in twee groepen. Een groep kreeg een zeer laag calorisch dieet of crashdieet van 500 kilocalorieën per dag gedurende 5 weken. De twee groep kreeg een laag calorisch dieet van 1250 kilocalorieën per dag gedurende 12 weken. Proefpersonen in beide groepen verloren gemiddeld 8 a 9 kilo, ongeveer 10% van hun lichaamsgewicht. Daarna kregen de deelnemers geen dieetadvies meer. Na 9 maanden werd gekeken hoeveel de deelnemers waren aangekomen. Beide groepen bleken evenveel te zijn aangekomen, ongeveer 50% van het gewicht dat ze verloren hadden met het dieet. Het crashdieet van 5 weken veroorzaakte dus geen grotere gewichtstoename dan het geleidelijke dieet van 12 weken. “Het jojo-effect is dus niet groter na een crashdieet dan na een geleidelijk dieet”, aldus Roel Vink, als promovendus betrokken bij het onderzoek.

Twee factoren waren wél van invloed op de gewichtstoename na het dieet: de mate van lichaamsbeweging na het dieet en de mate van verlies van vetvrije massa tijdens het dieet. “Wij denken dat het gaat om verlies van spiermassa omdat je met een dieet weinig calorieën en dus ook weinig eiwitten binnen krijgt,” zegt Vink. “Proefpersonen met een groter verlies van spiermassa tijdens het dieet en personen met minder lichaamsbeweging daarna, kwamen meer aan. Waarschijnlijk zorgen deze factoren voor een verlaging van het energieverbruik, en dat zou kunnen leiden tot gewichtstoename als je weer ‘normaal’ gaat eten”, aldus de onderzoekers. Of er wellicht andere nadelige gevolgen zijn van een crashdieet, en welke factoren ervoor zorgen dat mensen weer aankomen na een dieet, wordt nog onderzocht.
[Maastricht University]

UMCG start onderzoek naar voorkómen van terugval na depressie

herfstdepressieHersenonderzoekers van het UMCG starten een onderzoek naar het voorkómen van terugval na een depressie. Zij gaan in hun onderzoek na wat de effecten van preventieve cognitieve therapie zijn. Daarmee willen zij meer te weten komen over de mechanismen die een rol spelen bij terugval bij depressie. Het is voor het eerst dat de werkingsmechanismen van preventieve cognitieve therapie voor het voorkomen van depressie onderzocht uitgebreid onderzocht worden.

Mensen die hersteld zijn van een depressie, hebben 40 tot 60% kans om terug te vallen in een nieuwe depressieve episode. Wie een preventieve cognitieve therapie volgt, heeft een kleinere kans om binnen vijf tot tien jaar een nieuwe depressieve episode door te maken. Wat nog niet duidelijk is, is waarom sommige mensen wel, en sommige mensen niet terugvallen. Ook is onbekend hoe de preventieve cognitieve therapie werkt, en bij wie.

Lees verder op de website van het UMCG

Albert Heijn Cranberries winnen Gouden Windei

Gouden Windei 2015De cranberries van Albert Heijn zijn uitgeroepen tot het meest misleidende product. Dit ‘superfood’ bestaat voor 68% uit toegevoegde siroop en voor slechts 30% daadwerkelijk uit cranberries. Feitelijk worden dus vooral suikers verkocht onder het mom van superfood. Albert Heijn wint daarmee het Gouden Windei 2015 van voedselwaakhond foodwatch. Albert Heijn heeft foodwatch toegezegd het product dit kwartaal aan te gaan passen zodat het percentage cranberries verdubbeld tot 60%.

Tweede in de windei-verkiezing is de Liga melk-aardbei geworden met 0,03% aardbeipoeder en 667x meer suikers. De light pindakaas van supermarkt plus is op de derde plaats geëindigd. Deze pindakaas bevat weliswaar 30% minder vet maar wel 451% méér suikers omdat vette pinda’s zijn vervangen door pure glucosestroop. Naast Albert Heijn hebben ook de genomineerden Plus (pindakaas) en Aldi (pasta met truffel) tijdens de verkiezing aangegeven dat zij hun product gaan aanpassen.

De vijfde Gouden Windei verkiezing kreeg net als voorgaande jaren veel aandacht. Dertienduizend consumenten stemden tussen 4 en 31 december op de grootste misleider van 2015. Drie keer is scheepsrecht voor Albert Heijn: zij grepen in 2015 en 2013 nog net naast deze prijs.

Winnaar Gouden Windei: Albert Heijn verkoopt fastfood als superfood
De cranberries van Albert Heijn kregen ruim een kwart (28%) van de stemmen. Supermarkten zijn gretig ingesprongen op de vraag van veel consumenten naar superfoods. Een beetje supermarktketen verkoopt inmiddels zijn eigen merk superfood. Ook Albert Heijn biedt via haar winkels en website honderden producten aan onder deze noemer, waaronder de gedroogde cranberries.

‘Bron van vezels’ staat er uitnodigend op, en ‘zoet van smaak’. Dat laatste in onbetwist waar: Albert Heijn bedekt de cranberries onder een flinke laag ananassiroop. Maar dat zie je pas als je de kleine lettertjes op de achterkant leest. De cranberries bestaan voor slechts 30% uit de beroemde veenbessen en voor maar liefst 68% uit ananassiroop. Zo bestaat elke hap van deze cranberries voor twee derde uit suikers. Hoezo gezond superfood? Zo verkoopt Albert Heijn zelfs suikers als superfood!

Albert Heijn heeft aan foodwatch beloofd de receptuur van de cranberries te gaan aanpassen. De hoeveelheid siroop wordt verlaagd waardoor het product uit 60% cranberries (nu 30%) bestaat. Daarnaast wordt het biologisch.

Lees verder op de website van Foodwatch voor meer informatie over de uitslag van de Gouden Windei verkiezing.